De verordening bevat veel begrippen. Die worden hieronder in alfabetische volgorde uitgelegd. Een aantal begrippen staan al in de Wet. Die worden hieronder niet herhaald.
Adviesraad: Een onafhankelijk orgaan bestaande uit personen die vanuit de belangen en ervaringen vanuit de inwoners en de verschillende doelgroepen het College adviseert over de voorbereiding en uitvoering van het beleid op het sociaal domein en geven daarmee uitvoering aan artikel 2.1.3 derde lid van de wet.
Algemeen gebruikelijke voorziening: een voorziening die:
niet specifiek bedoeld is voor personen met een beperking;
daadwerkelijk beschikbaar is;
een passende bijdrage levert aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat is tot zelfredzaamheid of participatie en;
financieel gedragen kan worden met een inkomen op minimumniveau.
Andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de wet;
Beleidsregels: Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning gemeente Leidschendam-Voorburg;
Beschermd wonen: Volwassenen met psychische of psychosociale problemen, die 24 uur per dag hulp nodig hebben.
Centrumgemeente: Een gemeente die een bepaalde functie uitvoert voor andere gemeenten.
Eigen kracht: De mogelijkheden die de client heeft om zelf tot verbetering van zijn zelfredzaamheid of participatie te komen. Van de client wordt verwacht dat hij zich in hoge mate in spant om, voor zover mogelijk, zelf te voorzien in maatschappelijke ondersteuning.
Gebruikelijke hulp: Hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten;
Gemeenschappelijke ruimten: Een algemene ruimte in een gebouw dat niet tot een woning behoort. Het is een functionele en neutrale ruimte bedoeld voor gemeenschappelijk gebruik, zoals een hal of gezamenlijke stallingsruimte.
Goedkoopst compenserend: Voorzieningen die het college op grond van deze verordening verstrekt, moeten zowel compenserend als de goedkoopste voorziening zijn. Met het begrip compenserend wordt bedoeld: volgens objectieve maatstaven nog toereikend.
Hoofdverblijf: de woonruimte, bestemd en geschikt voor permanente bewoning, waar de persoon met beperkingen zijn vaste woon- en verblijfplaats heeft;
Hulpvraag: behoefte aan maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2 lid 1 van de wet;
Ingezetene: cliënt die hoofdverblijf heeft in de gemeente Leidschendam-Voorburg;
Maatschappelijke Ondersteuning: Het bevorderen van de sociale samenhang, de mantelzorg en vrijwilligerswerk, de toegankelijkheid van voorzieningen, diensten en ruimten voor mensen met een beperking, de veiligheid en leefbaarheid in de gemeente, alsmede voorkomen en bestrijden van huiselijk geweld; het ondersteunen van de zelfredzaamheid en de participatie van personen met een beperking of met chronische psychische of psychosociale problemen zoveel mogelijk in de eigen leefomgeving; het bieden van beschermd wonen en opvang;
Maatwerkvoorziening: op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen: ten behoeve van zelfredzaamheid, daaronder begrepen kortdurend verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger, het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen; ten behoeve van participatie, daaronder begrepen het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen en andere maatregelen; ten behoeve van beschermd wonen en opvang;
Medewerker: Gemandateerd persoon die namens het college een melding of aanvraag behandelt.
Melding: kenbaar maken van de hulpvraag aan het college als bedoeld in artikel 2.3.2 lid 1 van de wet;
Persoonlijk plan: plan waarin de cliënt de omstandigheden, bedoeld in artikel 2.3.2 lid 4 Wmo 2015 onderdelen a tot en met g van de wet, beschrijft en aangeeft welke maatschappelijke ondersteuning naar zijn mening het meest is aangewezen;
Pgb: persoonsgebonden budget, een bedrag waaruit namens het college betalingen worden gedaan voor diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen die tot een maatwerkvoorziening behoren;
Uitvoeringsbesluit: Uitvoeringsbesluit Wmo 2015;
Wet: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.
Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de wet, het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en de Algemene wet bestuursrecht.
Hoofdstuk 1:
Artikel 2
Uitleg van begrippen in de verordening
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Leidschendam-Voorburg 2026