Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6

Artikel 6.1

Hoogte bijzondere bijstand 18 t/m 20-jarigen

Onderdeel van Beleidsregels bijzondere bijstand Bladel 2026

1.. Het college kan bijzondere bijstand verstrekken aan personen van 18, 19 of 20 jaar als deze persoon in een inrichting verblijft: de ouders zijn overleden; sprake is van een aantoonbare ernstig verstoorde relatie tussen de ouders en de jongere, waardoor de jongere aantoonbaar zijn ouders niet op hun onderhoudsplicht kan aanspreken; of de ouders aantoonbaar niet kunnen bijdragen in de kosten. 2.. De hoogte van de bijzondere bijstand, als bedoeld in lid 1 wordt bepaald aan de hand van de individuele situatie en bedraagt minimaal 75% van de norm van een alleenstaande van 21 jaar en ouder in een inrichting en maximaal 100% van de norm van een alleenstaande van 21 jaar en ouder in een inrichting.

Rechtspraak bij dit artikel