1. Geen persoonsgebonden budget wordt toegekend als de jeugdige niet aan motivatie-eisen, bekwaamheidseisen en kwaliteitseisen voldoet.
2. De opsomming onder lid 1 is niet limitatief. Om een pgb af te wijzen op overwegende bezwaren, moet er enige feitelijke onderbouwing zijn op grond waarvan afgewezen kan worden. De onderbouwing wordt in de beschikking vermeld.
3. Een pgb zal ambtshalve – via een beschikking – worden omgezet worden in natura als:
a. uit twee achtereenvolgende controles is gebleken dat (een deel van) het pgb niet is besteed aan een voorziening die voldoet aan het programma van eisen;
b. na een controle blijkt dat een persoon bij terugvordering van het niet of onjuist bestede deel van het pgb dit deel niet terugbetaalt.
c. Na een controle blijkt dat het pgb niet wordt besteed en ingezet voor de gestelde doelen uit het pgb-plan.
4. Bij beschikking maakt het college bekend wat de omvang van het persoonsgebonden budget is, voor hoeveel jaar het pgb is bedoeld, welke doelen bereikt dienen te worden met besteding van het budget en welke overige afspraken er gemaakt zijn.
Hoofdstuk 2.
Artikel 12.
Contra-indicatie pgb
Onderdeel van Nadere regels Jeugdhulp West Maas en Waal 2025