**1..** Deze beleidsregels worden aangehaald als: Beleidsregel Tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek gemeente Waalre 2025.
**2..** Deze beleidsregels treden na bekendmaking in werking en met terugwerkende kracht met ingang van 1 januari 2025.
Toelichting
Artikelsgewijze toelichting
Enkel de artikelen die toelichting behoeven, zijn hierin opgenomen.
Artikel 1. Begripsbepalingen
De ministeriële regeling waarna wordt verwezen onder ‘Vaste tegemoetkoming’ is de Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ.
Artikel 2. Ambtshalve toekenning
Lid 1: Ieder huishouden waarvan het BSN van de meestverdienende partner staat vermeld op de lijst van de Belastingdienst wordt ambtshalve de vaste tegemoetkoming toegekend. De Wet tijdelijke regeling alleenverdienersproblematiek (hierna: Wtrap) biedt hier een grondslag voor.
De gemeente zal voor deze groep geen (lichte) toets uitvoeren om het recht definitief vast te stellen. Van de inwoners op de lijst van de Belastingdienst staat vast dat zij op de peildatum van de lijst nog in leven waren en woonachtig in de desbetreffende gemeente. Daarmee is voor de gemeente Waalre feitelijk voldaan aan de minimale vereisten.
Lid 2: Bekende huishoudens krijgen de tegemoetkoming ambtshalve. Met ‘bekend’ worden huishoudens bedoeld waarvan de gemeente voor een eerder jaar (t-x) heeft vastgesteld dat het een alleenverdienerhuishouden was en een tegemoetkoming heeft uitgekeerd. Deze huishoudens kunnen in jaar ‘t’ weer alleenverdienerhuishouden zijn maar niet op de lijst staan, omdat deze lijst gebaseerd is op gegevens van jaar t-2. De lijst van de Belastingdienst is dus niet gebaseerd op huidige gegevens.
De voorwaarden zijn dat beide personen op het moment van toekennen in leven zijn, de meestverdienende partner inwoner is van de gemeente en er zich tussentijds geen relevante wijzigingen hebben voorgedaan in de situatie van het huishouden of de achterliggende wetten.
Voorbeeld I: In 2025 wordt getoetst of de omstandigheden zijn gewijzigd voor huishoudens die een tegemoetkoming hebben ontvangen tijdens fase I (2023 en/of 2024). Als de omstandigheden niet zijn gewijzigd, kan de gemeente de vaste tegemoetkoming in 2025 ambtshalve toekennen. Deze huishoudens behoren in de actualiteit tot de doelgroep van de alleenverdienersproblematiek.
Voorbeeld II: In 2025 heeft een huishouden de vaste tegemoetkoming ontvangen na te zijn beoordeeld door de gemeente. Het huishouden komt in 2026 niet voor op de lijst van de Belastingdienst. De omstandigheden zijn niet gewijzigd. De vaste tegemoetkoming wordt over 2026 ambtshalve uitgekeerd.
Let op!
Voor ambtshalve toekenning van de vaste tegemoetkoming aan bekende huishoudens moet sprake zijn van een vermoeden dat het om een alleenverdienerhuishouden gaat. Dit vermoeden mag niet enkel gebaseerd zijn op opname op de Belastingdienstlijst van het voorgaande jaar, omdat die lijst inkomensgegevens van 2 jaar eerder bevat en circa 50% van de huishoudens dan geen alleenverdiener meer is. Het vermoeden moet daarom gebaseerd zijn op een eerdere, door de gemeente vastgestelde situatie.
Artikel 3. Aanvraag zelfmelder
Lid 8: Bij de vaststelling van de lijst door de Belastingdienst voor ambtshalve toekenning van de tegemoetkoming, is rekening gehouden met de vermogensgrenzen van de toeslagen. Het is vanwege rechtsgelijkheid en de bedoeling van de regeling belangrijk dat wij ook voor zelfmelders met deze vermogensgrenzen rekening houden. Daarom hanteren wij de vermogensgrens van de zorgtoeslag bij de beoordeling of een huishouden tot de doelgroep alleenverdienersproblematiek behoort.
De hoogte van de vermogensgrens is in 2025 maximaal €179.429,-. Je kan de actuele hoogte vinden op www.belastingdienst.nl/toeslagen - ga naar ‘zorgtoeslag’ – klik onder ‘snel naar’ op ‘Hoeveel vermogen mag ik hebben?’.
Artikel 4. Toekenning en verstrekkoing
De toekenning van de vaste tegemoetkoming is eenmaal per kalenderjaar voor het hele bedrag.
Bij verhuizing geldt als peildatum voor ambtshalve toekenningen, zoals in artikel 2 lid 1, de datum waarop de definitieve lijst van de Belastingdienst is gebaseerd. De meestverdienende partner, waarvan het BSN op de lijst staat vermeld, was op die datum inwoner van de gemeente. Voor ambtshalve toekenningen, zoals in artikel 2 lid 2, hanteren wij dezelfde peildatum.
Zoals bepaald in de Wtrap mag de tegemoetkoming na toekenning niet worden teruggevorderd.