**1..** Een voorstel dat in procedure is gebracht voor behandeling in een raadscommissie en vervolgens de raad, kan door de indiener worden ingetrokken uiterlijk 24 uur voorafgaand aan de behandeling in de commissie. In geval van intrekking wordt door de indiener via een schriftelijke mededeling gemotiveerd toegelicht wat de reden hiervan is.
**2..** Bij intrekking van een voorstel blijft het betreffende agendapunt op de voorlopige agenda voor de betreffende commissie gehandhaafd onder toevoeging van de vermelding “ingetrokken”. In de commissievergadering kan bij het vaststellen van de agenda zo nodig over de reden(en) van intrekking met de indiener van het voorstel worden gesproken.
**3..** In alle andere gevallen dan de situatie genoemd in lid 1 kan een voorstel alleen worden ingetrokken met instemming van de raad. Over een daartoe strekkend gemotiveerd verzoek beslist de raad bij de vaststelling van de voorlopige agenda. De raad bepaalt ook in welke vergadering het voorstel opnieuw wordt geagendeerd.
**4..** De raad kan bij het vaststellen van de agenda eveneens besluiten om een voorstel terug te geven aan het college door middel van een ordevoorstel. Bij teruggave vanuit de raad bepaalt de raad in welke vergadering het voorstel opnieuw wordt geagendeerd.
**5..** De griffier draagt er zorg voor dat de raadsleden, commissieleden en collegeleden in kennis worden gesteld van het in lid 1 en 3 vermelde gemotiveerde verzoek tot intrekking van een voorstel. De kennisgeving wordt in het raadsinformatiesysteem toegevoegd aan het agendapunt over de vaststelling van de voorlopige agenda en het agendapunt over het betreffende voorstel.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3
Artikel 18.