Naar hoofdinhoud
1.. Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord, tenzij: de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van dit reglement te herinneren; een lid hem conform artikel 24 interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat een spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden. 2.. Indien een spreker, zich beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen veroorlooft, afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk ongeoorloofd interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien de betreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende de vergadering, waarin dat plaats heeft, over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. 3.. De voorzitter kan ter handhaving van de orde van de vergadering voor een door de voorzitter te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergadering sluiten.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel