Naar hoofdinhoud
1.. De ontheffing zal in ieder geval worden ingetrokken of gewijzigd indien: de ontheffinghouder daartoe verzoekt, waarbij de intrekking in beginsel plaatsvindt binnen 2 weken na ontvangst van het verzoek; ter verkrijging van de ontheffing onjuiste gegevens zijn verstrekt; wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de omstandigheden die relevant zijn voor het verlenen van de ontheffing; de aan de ontheffing verbonden voorschriften of beperkingen niet worden nagekomen; wanneer de ontheffinghouder niet, niet volledig of niet tijdig aan zijn; betalingsverplichtingen voor zijn ontheffing heeft voldaan; de persoon waaraan de ontheffing is verleend niet langer geldt als eigenaar of houder van het motorvoertuig of de motorvoertuigen ten behoeve waarvan de ontheffing wordt gebruikt. De ontheffing wordt echter niet ingetrokken als deze voor meerdere motorvoertuigen wordt gebruikt en de ontheffinghouder nog van ten minste een van die motorvoertuigen eigenaar of houder is; sprake is van misbruik of een ander gebruik van de ontheffing dan waarvoor deze is bedoeld; de ontheffing valselijk is opgemaakt of vervalst is met het oogmerk om deze echt en onvervalst te (laten) gebruiken; ter handhaving van de Wegenverkeerswet 1994 en de daarop gebaseerde besluiten en om andere redenen van openbaar belang. Bij intrekking van de ontheffing is geen restitutie mogelijk. 2.. De ontheffing wordt verleend onder de voorwaarde dat deze vervalt: bij het overlijden van de ontheffinghouder; bij verhuizing van de ontheffinghouder naar een adres buiten het als bijlage 2 aangeduide gebied en wanneer de verkeersmaatregel, waarvoor de ontheffing is verleend, wordt ingetrokken. 3.. Een ontheffing wordt in beginsel ingetrokken per de datum waarop de bezwaartermijn tegen een besluit tot intrekking ongebruikt is verstreken of als er binnen die termijn een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend per de datum waarop er op dat verzoek is beslist. 4.. Indien de ontheffing wordt ingetrokken wegens misbruik of oneigenlijk gebruik van de ontheffing als bedoeld in lid 1 onder g of omdat de ontheffing valselijk is opgemaakt of vervalst als bedoeld in lid 1 onder h, wordt er gedurende de oorspronkelijke looptijd van de ontheffing in beginsel geen nieuwe ontheffing verleend.

Rechtspraak bij dit artikel