Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3. › § 3.1

Artikel 3.1.5

Algemeen gebruikelijke voorzieningen

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning ’s-Hertogenbosch 2026

Er bestaat geen recht op een maatwerkvoorziening als deze voor de inwoner algemeen gebruikelijk is. Hiermee voorkomen we dat het college een voorziening inzet waarvan het logisch is dat de inwoner daarover, ook als hij geen problemen had, zou (hebben kunnen) beschikken. Bij het bepalen of een noodzakelijke voorziening voor de inwoner algemeen gebruikelijk is, wegen we de volgende onderdelen: niet specifiek bedoeld is voor inwoners met een beperking; daadwerkelijk beschikbaar is; een passende bijdrage levert aan een situatie waarin de inwoner zelfredzaam kan zijn of kan participeren; met een inkomen op minimumniveau kan worden aangeschaft (hierbij mag het college rekening houden met tweedehands aanbod). In elke situatie wordt beoordeeld of de voorziening voor die inwoner algemeen gebruikelijk is. Voor de berekening of een voorziening financieel draagbaar is met een minimuminkomen, sluit het college aan bij de regel voor het geven van bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksproducten. Dit betekent dat een voorziening betaalbaar is met een minimuminkomen. Het kan binnen 36 maanden worden terugbetaald bij een aflossing van 5% van de geldende bijstandsnorm. Zie bijlage 1 voor meer informatie over algemeen gebruikelijke voorzieningen. Uitzondering In bepaalde situaties kan een algemeen gebruikelijke voorziening toch niet algemeen gebruikelijk zijn. Deze uitzondering kan zich voordoen als: De inwoner een inkomen heeft dat onder de voor hem/haar geldende bijstandsnorm ligt; Een nog niet afgeschreven voorziening door een plotseling optredende lichamelijke beperking niet meer geschikt is en moet worden vervangen door een andere voorziening.

Rechtspraak bij dit artikel