De ontheffing wordt ingetrokken indien:
de bij de verkrijging verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken te zijn, dat de aanvraag anders zou zijn beoordeeld als de juiste en volledige informatie bekend was geweest;
niet langer wordt voldaan aan de ingevolge artikel 2 gestelde criteria;
is gehandeld in strijd met de daaraan verbonden voorschriften of beperkingen;
ten gevolge van gewijzigde feiten of omstandigheden het van kracht blijven van de ontheffing strijdig is met het belang als bedoeld in artikel 3, tweede lid.
de houder daarom verzoekt.
De ontheffing kan in elk geval worden ingetrokken:
als de ontheffinghouder de bij of krachtens deze beleidsregel bepaalde regels overtreedt;
als de ontheffinghouder zich schuldig maakt aan wangedrag of bedrog;
bij misbruik of niet-nakoming van de voorschriften van de ontheffing;
in het belang van de natuur- of milieuwaarden;
in het belang van de veiligheid van strandrecreanten;
in het geval van overlast.
De ontheffinghouder die in strijd handelt met de ontheffing of zich aan wangedrag of bedrog schuldig maakt, de toezichthouder in de uitoefening van zijn taak belemmert, dan wel direct of indirect de orde verstoort of de veiligheid van strandrecreanten in gevaar brengt, kan door de politie, beheerder terrein of toezichthouder mondeling worden gelast zijn ontheffing in te leveren.
Na intrekking van de ontheffing wordt er in datzelfde kalenderjaar geen ontheffing meer verleend op grond van dit beleid, aan de betreffende persoon of het bedrijf.
Artikel 4.
Intrekkingsgronden
Onderdeel van Beleidsregel voertuigen op strand, duin en dijk gemeente Vlissingen 2025