Naar hoofdinhoud

Artikel 6a

- Inkomen van zelfstandigen

Onderdeel van Beleidsregel inkomensondersteuning Bernheze Participatiewet 2025

1.. In afwijking van artikel 6 wordt het inkomen uit bedrijf of zelfstandig beroep van een zelfstandige als volgt bepaald: het inkomen wordt bepaald aan de hand van het bruto-inkomen als bedoeld in artikel 1, onder f, van het Bbz 2004, van het boekjaar voorafgaande aan het jaar waarin de aanvraag wordt gedaan, hierna te noemen ‘jaar -1’; als het bruto-inkomen over het jaar -1 niet kan worden bepaald, wordt het inkomen uit eigen bedrijf of zelfstandig beroep bepaald aan de hand van een kolommenbalans of de meest recente aangifte omzetbelasting; in bijzondere situaties kan van de periode van jaar -1 worden afgeweken. Hiervan is in ieder geval sprake als de periode tussen de aanvraag en jaar -1 langer is dan 12 maanden. 2.. Het bruto-inkomen bedoeld in lid 1 wordt verminderd met het netteringspercentage van dat jaar. 3.. Overige bruto-inkomsten die niet zijn onderworpen aan voorheffing loonbelasting, maar waarover wel IB/PVV is verschuldigd, worden, in afwijking van artikel 6 lid 4, verminderd met het ten tijde van de aanvraag geldende netteringspercentage. 4.. Als toepassing van lid 2 en 3 leidt tot een lager inkomen dan op basis van de door de Belastingdienst opgelegde Voorlopige Aanslag over het jaar waarin de aanvraag wordt gedaan wordt het bruto-inkomen bedoeld in lid 2 en de overige bruto-inkomsten als bedoeld in lid 3 niet verminderd met het netteringspercentage, maar met het bedrag van de opgelegde Voorlopige Aanslag IB/PVV en premie Zvw.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel