De burgemeester kan verschillende maatregelen treffen in het kader van de openbare orde en veiligheid, verkeersveiligheid, gezondheid en woon- en leefklimaat. De burgemeester ontleent de verschillende bevoegdheden hiertoe aan de Algemene wet bestuursrecht, die hieronder worden beschreven.
Bestuurlijke waarschuwing
Bij het niet nakomen van de vergunningsvoorschriften, bepalingen uit de APV, de beleidsregels evenementenvergunning of (schriftelijke) afspraken die zijn gemaakt met een toezichthouder kan de burgemeester besluiten om een bestuurlijke waarschuwing te geven. Dit kan tijdens of na een evenement. Mits er geen acuut risico is voor de openbare orde en veiligheid. In de bestuurlijke waarschuwing kan staan dat de burgemeester bij een volgende overtreding overgaat tot een bestuurlijke maatregel. De bestuurlijke waarschuwing is geen besluit op basis van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Tegen een bestuurlijke waarschuwing kan daarom geen bezwaar worden gemaakt.
Last onder bestuursdwang en kostenverhaal (art. 5.25 Awb)
De burgemeester kan besluiten tot toepassing van een last onder bestuursdwang. Dit betekent dat de organisatie de gelegenheid krijgt om het gebrek/overtreding te herstellen. Doet de organisator dit niet zelf, dan kan de burgemeester met toepassing van bestuursdwang een einde maken aan de overtreding van de vergunningsvoorschriften. In dat geval worden eventuele kosten die gemaakt worden in verband met het toepassen van spoedeisende bestuursdwang op de organisator verhaald. Deze kosten bestaan uit materiële kosten (bijvoorbeeld het plaatsen van hekwerk), personele kosten (inzet betrokken medewerkers) en administratieve kosten (het behandelen van de procedure).
Last onder dwangsom (art. 5.32 Awb)
Als er verondersteld kan worden dat de organisator bij een (volgend) evenement (opnieuw) in overtreding zal gaan, kan een last onder dwangsom worden opgelegd. Aanleidingen kunnen bijvoorbeeld zijn eerder vertoond naleefgedrag van de organisator, herhaling van het overtreden van voorschriften of uitzonderlijke omstandigheden die het begaan van overtredingen waarschijnlijk maken. Indien dit binnen de termijn van 13 maanden gebeurt nadat de last onder dwangsom is afgegeven, wordt de dwangsom verbeurd.
Op grond van artikel 5.32, vierde lid, van de Awb moet de hoogte van de dwangsom in redelijke ver houding staan tot de ernst van de overtreding en de beoogde werking van het opleggen van de dwang som. In de beschikking moet het maximumbedrag worden bepaald. Als dit bedrag is bereikt, wordt geen dwangsom meer verbeurd. De hoogte van de dwangsom moet per evenement (grootte, aard) worden bepaald. De effectiviteit en evenredigheid worden in de afweging betrokken.
(Gedeeltelijk) intrekken, wijzigen van de vergunning, beëindigen of stilleggen van het evenement (art. 2.25, 2.26 APV en 174 Gemeentewet)
De burgemeester kan besluiten (een deel van) de vergunning (tijdelijk) in te trekken, aan te passen (versoberen) en/ of het evenement beëindigen/stil te leggen als vergunningsvoorschriften niet worden nagekomen. Bijvoorbeeld als er grote risico’s zijn voor de openbare orde en veiligheid, dan wel de gezondheid van de bezoekers van het evenement niet gegarandeerd kan worden en/of er directe risico’s zijn of sprake is van een onverwachte gebeurtenis van nationale omvang. Ook kunnen er aanvullende beperkende voorwaarden worden opgelegd, zoal het verkleinen van het evenemententerrein en het bijstellen van het maximum aantal bezoekers. Daarnaast kan de start van een evenement opgeschort worden of kan het schenken van alcohol (tijdelijk) worden stopgezet.
Beleidsregel beoordeling levensgedrag Voorne aan Zee 2023
Van een organisator wordt verwacht dat deze niet in enig opzicht van slecht levensgedrag is. Wanneer wordt geconstateerd dat de organisator wel in enig opzicht van slecht levensgedrag is, bijvoorbeeld door van geweldsincidenten, drugs en/of alcoholmisbruik of andere strafbare feiten die van negatieve invloed kunnen zijn op een goede en veilige uitvoering van het evenement, heeft de burgemeester op basis van de APV de bevoegdheid om een evenementenvergunning geheel of gedeeltelijk weigeren of voor onbepaalde tijd intrekken of te wijzigen.
Onvoldoende vertrouwen in organisator
Wanneer een organisator meerdere malen bepalingen uit de APV, regels uit de beleidsregels evenementen en/of de vergunde voorschriften uit evenementenvergunning overtreedt, kan de burgemeester ook oordelen dat hij zijn vertrouwen in de desbetreffende organisator kwijt is. De burgemeester meent dan dat de organisator met zijn evenement een gevaar vormt voor de openbare orde en veiligheid, verkeersveiligheid, gezondheid en/of het woon- en leefklimaat. Dit geldt vooral wanneer het evenement van de betreffende organisator al heeft geleid tot incidenten en/of tegen de organisator in de afgelopen drie jaar meerdere bestuurlijke waarschuwingen zijn opgemaakt en/of maatregelen zijn genomen .
De burgemeester kan dan besluiten de eerstvolgende aanvraag/aanvragen voor een evenementenvergunning te weigeren. De burgemeester motiveert expliciet in zijn besluit waarom hij zijn vertrouwen in de organisator heeft verloren.
Artikel 6.4
Bevoegdheden burgemeester
Onderdeel van Beleidsregels Evenementenvergunningen Voorne aan Zee 2024