Redenen voor een briefadres zijn:
het ontbreken van een woonadres (artikel 2.23 Wet BRP);
verblijf in een instelling (artikel 2.40 Wet BRP):
in een penitentiaire instelling (gevangenis);
in een psychiatrische instelling;
in een instelling voor kinderbescherming, opvang of beschermd wonen;
in een instelling voor gezondheidszorg;
verblijf op een adres waarvan het opnemen van dat woonadres naar het oordeel van de burgemeester om veiligheidsredenen niet wenselijk is (artikel 2.41 van de Wet BRP);
Het is niet mogelijk om in de BRP met een briefadres geregistreerd te worden als een van de redenen genoemd in de leden 1 t/m 3 ontbreekt.