**1..** Aanvrager ontvangt een geldbedrag om de voorziening aan te schaffen
of de hulp in te kopen (bij HbH).
**2..** De hoogte van het Pgb is toereikend om tot een met zorg of een
voorziening in natura vergelijkbaar resultaat te komen.
**3..** Aanvrager sluit een zorgovereenkomst met een niet door het college
gecontracteerde zorgaanbieder (bij HbH).
**4..** Er wordt een gedifferentieerd tarief gebruikt voor HbH. Er wordt
onderscheid gemaakt tussen formele zorg (van een professionele
zorgaanbieder) en informele zorg (van een niet-professionele
zorgaanbieder, zoals familielid, buur, kennis e.d.).
**5..** De hoogte van een Pgb voor formele zorg (HbH) is gebaseerd op een
uurtarief dat gangbaar is bij een door het college gecontracteerde
zorgaanbieder.
**6..** De hoogte van een Pgb voor informele zorg (HbH) is afgeleid van het
wettelijk minimumloon.
**7..** Bedragen voor het Pgb worden in het Biv vastgelegd.
**8..** Het college weigert een Pgb voor hulp bij het huishouden voor
ontregelde huishoudens (HbH3).
**9..** Het college weigert een Pgb wanneer er sprake is van een financiële
situatie waardoor de aanvrager niet over het Pgb zou kunnen
beschikken.
**10..** Het college weigert een Pgb voor een kindervoorziening.
**11..** Wanneer het college een Pgb weigert wordt een voorziening in natura
verstrekt.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.6
– Persoonsgebonden budget (Pgb)
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen en besluit college 2011