Naar hoofdinhoud

Artikel 10.

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing Voorne aan Zee 2026

1.. De belasting bedoeld in artikel 5, eerste, derde en vijfde lid, het eigenarendeel, is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar. 2.. De belasting bedoeld in artikel 5, tweede, vierde en zesde lid, het gebruikersdeel, is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 3.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting als bedoeld in artikel 7, tweede, vierde en zesde lid, het gebruikersdeel, verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 4.. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing van de belasting bedoeld in artikel 7, tweede, vierde en zesde lid, het gebruikersdeel, voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven. 5.. Het derde en het vierde lid zijn niet van toepassing wanneer de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in gebruik neemt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel