In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Altena.
Altenabon: een pas waarmee huishoudens producten en/of diensten kunnen kopen bij lokale ondernemers in Altena ter waarde van maximaal:
€ 75,- voor een eenpersoonshuishouden;
€ 150,- voor een meerpersoonshuishouden.
Lokale ondernemer: een bedrijf fysiek gevestigd binnen de gemeente Altena, dat ingeschreven is bij de Kamer van Koophandel en bij WeMaron B.V. is aangemeld als deelnemende ondernemer.
Uitvoeringsorganisatie: WeMaron B.V.
Huishouden: alleenstaande (eenpersoonshuishouden), alleenstaande ouder of het gezin (meerpersoonshuishouden) zoals bedoeld in artikel 4 van de Participatiewet die woonplaats heeft/hebben in gemeente Altena als bedoeld in de artikelen 10, eerste lid en artikel 11 van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
Tot een huishouden wordt niet gerekend de persoon die zelfstandig een aanvraag indient en:
Jonger is dan 21 jaar;
Jonger is dan 27 jaar en aanspraak maakt op studiefinanciering op grond van de Wet studiefinanciering 2000 óf aanspraak maakt op een tegemoetkoming in de schoolkosten, op grond van hoofdstuk 4 Wet Tegemoetkoming Onderwijsbijdrage en Schoolkosten.
Inkomen: totaal van het inkomen van het huishouden, zoals bedoeld in artikel 31, 32 en 33 van de Participatiewet. In afwijking hierop wordt onderstaand inkomen buiten beschouwing gelaten:
Het vakantiegeld;
Inkomen waarop executoriaal beslag gelegd is;
Inkomen dat gereserveerd wordt voor schuldeisers omdat een schuldsaneringsregeling op grond van de WSNP uitgesproken is;
Inkomen dat gereserveerd wordt omdat er sprake is van een minnelijke schuldregeling waarmee de schulden worden afgelost volgens de zgn. VTLB- berekening;
Het deel van de bestuursrechtelijke premie voor de zorgverzekering dat uitstijgt boven de gemiddelde nominale premie.
Vermogensgrens: het maximale vermogen als genoemd in artikel 34 derde lid van de Participatiewet dat een huishouden mag hebben om nog in aanmerking te komen voor de Altenabon op grond van deze regeling.
Vermogen: Het totaalbedrag van alle bank- en spaarrekeningen van het huishouden.
Sociaal minimum: de bijstandsnorm, inclusief (reservering) vakantietoeslag, bedoeld in artikel 5, onderdeel c, van de Participatiewet, zonder rekening te houden met de kostendelersnorm en met de verlaging op grond van paragraaf 3.3.
Peildatum: de datum van aanvraag.
Peildatum vermogen: in afwijking van de peildatum (artikel 1 sub j) geldt als peildatum voor het vermogen de laatste dag van de maand vóór de maand waarin de Altenabon wordt aangevraagd.
Referteperiode:
Bij een vast inkomen: de kalendermaand voorafgaand aan de peildatum;
Bij een wisselend inkomen: het gemiddelde maandinkomen over de 3 kalendermaanden voorafgaand aan de peildatum;
Bij een zelfstandige (zzp’er): het gemiddeld maandinkomen over 2024.