**1..** Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag een waardevolle / monumentale houtopstand te vellen binnen een waardevolle groenstructuur indien daarmee de aangeduide waardevolle groenstructuur als zodanig verloren gaat dan wel onevenredige schade toekomt, daarvan is in ieder geval sprake indien:
indien de oppervlakte van de waardevolle groenstructuur wordt verkleind, of gewijzigd;
onherstelbaar schade aanbrengt waarmee het waardevolle element of doel van de waardevolle groenstructuur, dan wel het eindbeeld van een waardevolle groenstructuur onevenredig aantast en daarmee definitief verloren gaat.
**2..** Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor:
houtopstand die moet worden geveld krachtens de Plantgezondheidswet of krachtens een aanschrijving van het bevoegd gezag, onverminderd het bepaalde in artikel 16 en 17 van deze verordening;
het periodiek scheren, knotten, kandelaren of kandelaberen als noodzakelijke beheermaatregel bij vormbomen ter uitvoering van het reguliere onderhoud;
het periodiek kappen van een (deel) van de beschermde houtopstand zoals hakhout of het periodiek snoeien van een beschermde houtopstand zoals een haag, ter uitvoering van het reguliere onderhoud;
dunning van een waardevolle groenstructuur binnen de bebouwingscontour houtkap ter uitvoering van het reguliere onderhoud, mits het geen bomen betreft met een omtrek van meer dan 120 centimeter gemeten op een hoogte van 130 centimeter boven maaiveld;
dunning van een beschermde houtopstand buiten de bebouwingscontour houtkap ter uitvoering van het reguliere onderhoud, mits het geen monumentale of publieke boom betreft, dan wel de dunning geen onevenredige aantasting is van het eindbeeld van de waardevolle groenstructuur;
houtopstand die moet worden geveld, gedund of gesnoeid in het kader van een door het bevoegd gezag goedgekeurd beheerplan;
houtopstand waarvoor voor verwijdering op basis van het ter plaatse geldende Omgevingsplan een vergunning voor het uitvoeren van het uitvoeren van een werk voor het vellen is verleend;
houtopstanden waarvan het college niet het bevoegde gezag is.
houtopstanden buiten de bebouwingscontour houtkap met:
Een oppervlakte van tien are of meer, of;
een rijbeplanting die meer dan twintig bomen omvat, gerekend over het totaal aantal rijen.
**3..** Het in het eerste lid bedoelde verbod behoudens vergunning geldt eveneens voor:
houtopstand die is aangelegd op basis van een herplant- en instandhoudingsplicht op grond van de artikelen 15 en 16;
houtopstand die is aangelegd op grond van een overeenkomst met een publiekrechtelijk bestuursorgaan van na de inwerkingtreding van deze verordening, die tevens niet vallen onder normaal onderhoud en beheer zoals opgenomen in het beheerplan.
Artikel 11
Verbod tot vellen binnen een waardevolle groenstructuur
Onderdeel van Verordening beschermd groen Gemert-Bakel