Leerlingen lopen stage om zich voor te bereiden op actieve deelname aan de maatschappij. Stage wordt daarom gezien als een onderdeel van het onderwijsprogramma, zoals ook in artikel 16 van de Verordening staat beschreven. In de gevallen dat leerlingen al een voorziening leerlingenvervoer ontvangen, kan ook een vervoersvoorziening voor de stageplaats ingezet worden. Voorop staat dat van de leerling, gezien het maatschappelijk doel van stage, in principe zelfstandig zou moeten kunnen reizen. Een zo maximaal mogelijke zelfstandigheid in het reizen naar het stageadres wordt daarom nagestreefd. Dit kan betekenen dat een leerling voor het schoolbezoek een vergoeding voor het aangepast vervoer ontvangt en voor het stagevervoer een vergoeding voor de (brom)fiets of openbaar vervoer. Echter indien aangepast vervoer dient te worden ingezet of als een bekostiging van openbaar vervoer wordt gevraagd, doet de gemeente een dringend beroep op de betreffende school om de stageplaatsen zo dicht mogelijk bij de school of het huisadres van de leerling te organiseren. De gemeente houdt contact met scholen die stage aanbieden en wordt idealiter gezien betrokken bij de aanvraag, indien een voorziening voor het leerlingenvervoer aan de orde komt.
Hoofdstuk 5.
Artikel 20.
Vervoer naar stage
Onderdeel van Beleidsregels Voorzieningen Leerlingenvervoer Midden-Limburg, gemeente Weert 2026