Artikel 27 lid 1 van de Verordening geeft aan dat bij wangedrag van leerling en/of ouders de toegang tot het aangepast vervoer (tijdelijk) kan worden ontzegd, indien bij herhaling is gebleken dat de leerling (of diens ouders/verzorgers) door wangedrag de orde in de bus verstoort of de veiligheid van bus en inzittenden in gevaar brengt. Indien volgens de vervoerder sprake is van wangedrag wordt de volgende procedure gevolgd.
Veroorzaakt door reiziger
Indien ondanks eerder contact met chauffeur, vervoerder of Omnibuzz (toch) een gedrag gerelateerd incident is ontstaan dat is veroorzaakt door de reiziger, dan volgen de maatregelen zoals omschreven onder 6.2.1. t/m 6.2.4. om herhaling te voorkomen. Bij calamiteiten, is het mogelijk dat onderstaande maatregelen vooraf worden gegaan door een afkoelperiode zoals omschreven in hoofdstuk 5.1.1.
6.2.1. Een eerste waarschuwingsbrief
In geval van een gedrag gerelateerd incident, stuurt Omnibuzz binnen één week na de melding van de vervoerder een waarschuwingsbrief. In deze brief wordt gewezen op de mogelijke vervolgmaatregelen genoemd bij punt 6.2.2. t/m 6.2.4. Omnibuzz kan besluiten om de reiziger uit te nodigen voor een gesprek waarin eventuele maatregelen om herhaling te voorkomen worden besproken.
6.2.2. Een tweede waarschuwingsbrief
Bij een volgende klacht, bij verwijtbaar wangedrag van de leerling en/of diens ouder(s)/verzorger(s) binnen een periode van twaalf maanden na de datum van de eerste waarschuwingsbrief, wordt stap 6.2.1. herhaald en volgt een tweede waarschuwingsbrief. Omnibuzz zorgt zo nodig in deze fase voor een extra zitplaats in de taxi om begeleiding van de leerling door één van de ouders mogelijk te maken (in het geval van wangedrag door de leerling). Als er een begeleider meegaat, anders dan de ouder of verzorger en hier kosten aan zijn verbonden, zijn de kosten voor de ouder/verzorger.
Tevens wordt er gewezen op de mogelijke vervolgmaatregelen genoemd bij punten 6.2.3. en 6.2.4. Ook zal Omnibuzz de vervoerder en gemeente informeren.
6.2.3. Een tijdelijke uitsluiting voor een periode van minimaal één volle schoolweek
Bij een volgende klacht, binnen een periode van twaalf maanden na de datum van de tweede waarschuwingsbrief kan Omnibuzz de gemeente adviseren per direct een schorsing op te leggen voor een periode van één volle schoolweek. Indien de gemeente besluit dit advies tot schorsing op te volgen zal de gemeente een derde brief aan ouders/verzorgers sturen, hier kan een schorsing van het aangepaste vervoer op volgen en worden verlengd met maximaal drie volle schoolweken.
Vindt een derde keer ongewenst gedrag plaats binnen een periode van twaalf maanden na de datum van de tweede waarschuwingsbrief, dan kan Omnibuzz en/of de gemeente besluiten een onderzoek te laten plaatsvinden door een persoonlijk gesprek met gemeente, reiziger en Omnibuzz te organiseren. Omnibuzz kan de vervoerder verzoeken ook bij dit gesprek aanwezig te zijn. Omnibuzz heeft de regie tijdens dit gesprek.
6.2.4. Intrekking van de vervoersvoorziening met een minimum van 3 maanden
Bij een volgende klacht volgt, met een door de gemeente opgestelde vierde brief, intrekking van de vervoersvoorziening tot het eind van het schooljaar met een minimum van drie maanden exclusief vakanties (schorsing aan het eind van het schooljaar kan dus doorlopen in het nieuwe schooljaar). Ook hier ligt de uiteindelijke besluitvorming tot schorsing bij de betreffende gemeente.
Let op: Voor ieder incident van reizigers geldt: Omnibuzz stuurt de reiziger een brief in het geval van een waarschuwing, waarbij de vervoerder en de gemeente per e-mail op de hoogte worden gesteld middels een kopie van de brief. De betreffende gemeente stuurt de reiziger een brief in het geval van een opgelegde schorsing, waarbij Omnibuzz en de vervoerder per e-mail op de hoogte worden gesteld middels een kopie van de brief. Voorafgaand aan het versturen van de waarschuwingsbrief of advies tot schorsing aan de gemeente neemt Omnibuzz telefonisch contact op met de reiziger om deze te informeren.
In geval van een ernstige calamiteit, kan de gemeente op advies van Omnibuzz besluiten direct over te gaan tot een schorsing voor één of meerdere dagen (maximaal één maand) zonder vooraf een waarschuwingsbrief te verzenden. Onder een ernstige calamiteit wordt verstaan: ernstig grensoverschrijdend gedrag zoals een situatie waarin een reiziger dreigt met geweld of feitelijk geweld gebruikt richting een andere reiziger of chauffeur/begeleiding, bij gebruik van wapens of in het geval van seksuele intimidatie/handelingen. Dit is ook van toepassing wanneer niet direct kan worden vastgesteld wat er is gebeurd. De reiziger wordt met spoed door Omnibuzz uitgenodigd voor een persoonlijk gesprek, waarbij (indien nodig) ook vertegenwoordiging vanuit vervoerder en/of de gemeente aanwezig is. Dit gesprek met alle betrokkenen dient plaats te vinden voordat het vervoer weer wordt opgestart.
Bij elke vorm van uitsluiting voor het leerlingenvervoer, blijven ouders verantwoordelijk voor de schoolgang van hun kind.
6.3 Niet-verwijtbaar
Indien uit het onderzoek blijkt dat er sprake is van een niet-gedrag gerelateerd incident of calamiteit dat is terug te voeren op de ernstige lichamelijke/mentale beperking of gedragsstoornis van de reiziger, overleggen vervoerder, gemeente, de (wettelijk) vertegenwoordiger van de reiziger, Omnibuzz en eventueel de instelling over een passende maatregel. Hierbij kan gedacht worden aan één van onderstaande maatregelen:
» Eigen vervoer voor de reiziger;
» Begeleiding in de taxi (in principe uit het netwerk van de reiziger).
Deze maatregelen worden enkel genomen met toestemming van de gemeente.
Het uitgebreide gedragsprotocol kan bij Omnibuzz worden opgevraagd.
Hoofdstuk 7.
Artikel 35.
Intrekking van toegang tot het aangepast leerlingenvervoer
Onderdeel van Beleidsregels Voorzieningen Leerlingenvervoer Midden-Limburg, gemeente Weert 2026