Bij de verstrekking van de voorziening leerlingenvervoer wordt een afweging gemaakt door de gemeente of een fietsvergoeding voor de leerling en begeleider, een vergoeding voor het openbaar vervoer, een vergoeding voor het eigen vervoer of aangepast vervoer dient te worden ingezet. Artikelen 19, 20, 21 en 22 van de Verordening geven deze opbouw van mogelijkheden voor vervoer ook weer. Vanuit de gedachte dat zelfstandigheid en zelfredzaamheid zoveel dienen te worden gestimuleerd en de mogelijkheid die hiervoor wordt genoemd in artikel 3 van de Verordening, werken we zoveel mogelijk toe naar zelfstandig reizen, eventueel met een (tijdelijke) begeleider.
Hoofdstuk 2.
Artikel 4.
Stimuleren fiets, openbaar vervoer en eigen vervoer
Onderdeel van Beleidsregels Voorzieningen Leerlingenvervoer Midden-Limburg, gemeente Weert 2026