Gedeputeerde Staten kunnen de in het meldingsformulier gemelde voorgenomen activiteiten als bedoeld in artikel 6.25, eerste lid, van de verordening verbieden of aan maatwerkvoorschriften verbinden indien de landschappelijke, natuurwetenschappelijke, cultuurhistorische of archeologische waarden blijvend worden aangetast.
Dit is onder andere het geval indien:
de kenmerken van het verkavelingspatroon van het landschapstype blijvend worden aangetast;
de volledigheid of eenheid van het beschermd klein landschapselement blijvend wordt aangetast.
Hoofdstuk 6
Artikel 6.3