Het gebruikersdeel van de rioolheffing afvalwater voor percelen die in hoofdzaak tot woning dienen wordt geheven naar een vast bedrag per perceel.
Het gebruikersdeel van de rioolheffing afvalwater voor percelen die niet in hoofdzaak tot woning dienen wordt tot 500 m³ geheven naar een vast bedrag, daarboven is een bedrag verschuldigd voor elke volle eenheid van 100 m³ water dat vanuit het perceel wordt afgevoerd.
Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke meters leidingwater, grondwater en oppervlaktewater dat in de laatste aan het begin van het belastingjaar voorafgaande verbruiksperiode naar het eigendom is toegevoerd of is opgepompt. In geval de verbruiksperiode niet gelijk is aan een periode van twaalf maanden, wordt de hoeveelheid water door herleiding naar tijdsgelang bepaald. Bij die herleiding wordt een gedeelte van een kalendermaand voor een volle maand gerekend.
Ingeval gebruik wordt gemaakt van een pompinstallatie moet die pompinstallatie zijn voorzien van een:
watermeter, waarvan de hoeveelheid opgepompt water kan worden afgelezen, of
bedrijfsurenteller, waarvan het aantal uren dat een pompinstallatie met vaste capaciteit in bedrijf is geweest kan worden afgelezen.
De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water geschiedt op grond van enige andere wettelijke bepaling.
De op de voet van het derde lid berekende hoeveelheid toegevoerd of opgepompt water wordt verminderd met de hoeveelheid water die aantoonbaar niet is afgevoerd.
Voor zover de gegevens bedoeld in het derde lid van dit artikel niet bekend zijn, wordt het waterverbruik vastgesteld naar rato van het waterverbruik bij vergelijkbare roerende of onroerende zaken.