Naar hoofdinhoud
Dit hoofdstuk is een uitleg van de omgang met maatwerkvoorschriften in het kader van het toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie. De beleidsregels bevatten gebiedsspecifieke hergebruiksnormen (Lokale Maximale Waarden) voor het op de landbodem toepassen van PFOA-houdende grond en baggerspecie. Deze hergebruiksnormen gelden alleen voor grond en baggerspecie afkomstig vanuit de regio Zuid-Holland Zuid. Voor grond en baggerspecie van buiten de regio Zuid-Holland Zuid gelden de normwaarden uit het landelijke "Handelingskader voor hergebruik van PFAS-houdende grond en baggerspecie" van december 2021. De regels in dit hoofdstuk gelden alleen voor zone B van de Toepassingskaart PFAS houdende grond Zuid-Holland Zuid. De meest actuele versie van deze kaart is te vinden via de website [link (https://geo.ozhz.nl/?@Bodeminformatie]. De regels in dit hoofdstuk gaan over het toepassen van grond en baggerspecie (paragraaf 4.124 van het Besluit activiteiten leefomgeving) waaronder naast toepassen van grond of baggerspecie ook valt het grootschalig toepassen en verspreiden van baggerspecie op een aangrenzend perceel, op landbouwgronden (tot 10 km afstand) of in een weilanddepot (artikel 4.1269, derde lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving). De regels in dit hoofdstuk gaan over toepassingen op de landbodem en gaan niet over toepassing in oppervlaktewater of diepe plassen. De regels in dit hoofdstuk zijn niet van toepassing op een locatie met een puntbron, zijnde grond of baggerspecie die wordt toegepast op een locatie waar de bodem al voor het toepassen diffuus sterk met de stof is verontreinigd, als bedoeld in de artikelen 4.1273, 4.1275 en 4.1279 van het Besluit activiteiten leefomgeving.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel