**1..** Burgemeester en wethouders stellen jaarlijks het subsidieplafond vast met de subsidiestaat. Deze nadere regel heeft de volgende subsidieplafonds:
Categorie A: Aanvragen tot en met € 35.000 per jaar (artikel 5, lid A);
Categorie B: Zorgen voor elkaar (artikel 5, lid B, sub 1);
Categorie B: Buurtbemiddeling (artikel 5, lid B, sub 2);
Categorie B: Taal & digivaardigheid (artikel 5, lid B, sub 3);
Categorie B: Praktische ondersteuning (artikel 5, lid B, sub 4);
Categorie C: Dagactiviteiten (artikel 5, lid C, sub 1);
Categorie C: Ondersteuningstrajecten voor jeugdigen en ouders (artikel 5, lid C, sub 2);
Categorie C: Laagdrempelige Onafhankelijke Cliëntondersteuning (artikel 5, lid C, sub 3);
Categorie C: Formele Onafhankelijke Cliëntondersteuning (artikel 5, lid C, sub 4).
**2..** Als het subsidieplafond voor een bepaalde subsidiabele activiteit niet wordt bereikt, worden de resterende middelen als volgt herverdeeld:
Resterend budget van het subsidieplafond van categorie A wordt niet herverdeeld via deze subsidieregeling;
Resterend budget voor subsidiabele activiteiten binnen Categorie B wordt verleend aan de hoogst scorende aanvra(a)g(en) van de andere subsidiabele activiteiten binnen Categorie B die geen subsidie heeft/hebben ontvangen. Eventueel overig resterend budget wordt verleend aan de hoogst scorende aanvra(a)gen van de subsidiabele activiteiten binnen Categorie C;
Resterend budget van het subsidieplafond van categorie C: Dagactiviteiten wordt niet herverdeeld via deze subsidieregeling;
Resterend budget voor subsidiabele activiteiten binnen Categorie C (met uitzondering van het subsidieplafond Dagactiviteiten) wordt verleend aan de hoogst scorende aanvra(a)gen van de andere subsidiabele activiteiten binnen Categorie C die geen subsidie heeft/hebben ontvangen. Eventueel overig resterend budget wordt verleend aan de hoogst scorende aanvra(a)gen van de subsidiabele activiteiten binnen Categorie B.