Naar hoofdinhoud
In het kader van deze beleidsregel wordt onder de volgende begrippen en definities verstaan: Vuurwerk: pyrotechnische artikelen voor vermaak; Pyrotechnisch artikel: artikel dat explosieve stoffen of een explosief mengsel van stoffen bevat, die tot doel hebben warmte, licht, geluid, gas of rook, dan wel een combinatie van dergelijke verschijnselen te produceren door middel van een zichzelf onderhoudende exotherme chemische reacties (Vuurwerkbesluit); Vuurwerkbesluit: het geldende Vuurwerkbesluit; Consumentenvuurwerk: vuurwerk dat is ingedeeld in categorie F1 of F2 en dat bij of krachtens het Vuurwerkbesluit is aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld voor particulier gebruik; Professioneel vuurwerk: vuurwerk dat is ingedeeld in categorie F4 of F3 alsmede vuurwerk dat is ingedeeld in categorie F2 en dat niet bij of krachtens dit besluit is aangewezen als vuurwerk dat ter beschikking mag worden gesteld voor particulier gebruik; Categorie F1, F2, F3, F4: categorie F1, F2, F3 onderscheidenlijk F4 als bedoeld in artikel 1A.1.3 van het Vuurwerkbesluit; Categorie F1: vuurwerk dat zeer weinig gevaar en een te verwaarlozen geluidsniveau oplevert en bestemd is voor gebruik in een besloten ruimte, inclusief vuurwerk dat bestemd is voor gebruik binnenshuis; Categorie F2: vuurwerk dat weinig gevaar en een laag geluidsniveau oplevert en bestemd is voor gebruik buitenshuis in een afgebakende plaats; Categorie F3: vuurwerk dat middelmatig gevaar oplevert en bestemd is voor gebruik buitenshuis in een grote open ruimte, en waarvan het geluidsniveau niet schadelijk is voor de menselijke gezondheid; Categorie F4: vuurwerk dat veel gevaar oplevert en uitsluitend bestemd is voor gebruik door personen met gespecialiseerde kennis, en waarvan het geluidsniveau niet schadelijk is voor de menselijke gezondheid; Illegaal vuurwerk: vuurwerk dat niet aan de daarvoor bij of krachtens het Vuurwerkbesluit gestelde eisen voldoet, daaronder begrepen het in Nederland brengen van, handel in, ter beschikking stellen van, opslag van, het vervaardigen van, het voorhanden hebben van, bewerken van en/of afsteken buiten toegestane tijden van vuurwerk; Handreiking bestuurlijke aanpak illegaal vuurwerk: een door het functioneel parket van de Politie en het Openbaar Ministerie opgestelde handreiking voor de gezamenlijke bestuursrechtelijke aanpak van illegaal vuurwerk, versie 2024 of latere versies; Richtlijn voor strafvordering vuurwerkdelicten: aanwijzing op grond van artikel 130 Wet RO, opgesteld door het College van procureurs-generaal, kenmerk 2024R011, datum inwerkingtreding 01-12-2024 of latere versies; Regeling aanwijzing consumentenvuurwerk: regeling tot aanwijzing van consumentenvuurwerk gewijzigd 01-01-2024 of latere versies; Lijsten: indeling van soorten vuurwerk in lijsten, zoals vermeld in de Richtlijn voor strafvordering vuurwerkdelicten, waarbij deze lijsten een indeling bevatten in de algemene gevaarzetting, die van dat vuurwerk uitgaat, onafhankelijk van de omstandigheden waaronder het vuurwerk is aangetroffen; Lijst I: in Nederland toegestaan consumentenvuurwerk, zoals aangegeven in de Regeling aanwijzing consumentenvuurwerk (verder te noemen: RAC); Lijst II: professioneel vuurwerk, dat is ingedeeld in categorie F2 en niet als consumentenvuurwerk aangewezen in de RAC en professioneel vuurwerk F3. Daarnaast betreft Lijst II pyrotechnische artikelen voor theatergebruik van de categorie T1/T2. Verder is deze lijst van toepassing op handfakkels; Lijst III: professioneel vuurwerk dat is ingedeeld in categorie F4, of vuurwerk dat volgens opschrift niet is voorzien van een F-categorie en daarnaast vuurwerk P1/P2, met uitzondering van handfakkels; Lijst IV: geïmproviseerd vuurwerk (vuurwerk dat zelf is vervaardigd of is aangepast); Locatie: een woning, lokaal en/of erf; Woning: een voor bewoning bestemd gebouw; Lokaal: een voor het publiek toegankelijk gebouw of een niet voor het publiek toegankelijk gebouw; Erf: een bij een pand bijbehorend deel zoals een tuin of binnenplaats.

Rechtspraak bij dit artikel