Naar hoofdinhoud

Artikel 8

Aanleg gehandicaptenparkeerplaats

Onderdeel van Beleidsregels gehandicaptenparkeerplaatsen Hardinxveld-Giessendam 2025

De aanleg van gehandicaptenparkeerplaatsen vindt waar mogelijk plaats binnen de reeds aanwezige parkeervoorzieningen en gaat bij voorkeur niet ten koste van openbaar groen. Een gehandicaptenparkeerplaats wordt zoveel mogelijk in overeenstemming met de geldende richtlijnen aangelegd, maar de precieze vormgeving en afmeting is afhankelijk van de situatie ter plaatse. Een algemene gehandicaptenparkeerplaats wordt aangelegd door plaatsing van het bord E6, zoals bedoeld in bijlage 1 van het RVV 1990. Een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken wordt aangelegd door plaatsing van het bord E6, zoals bedoeld in bijlage 1 van het RVV 1990, met daaronder een onderbord waarop het kenteken van het motorvoertuig of gehandicaptenvoertuig. Indien een gehandicaptenparkeerplaats wordt aangelegd op een gedeelte van een parkeerstrook of op de rijbaan, wordt met witte belijning een kruis aangebracht om de parkeerplaats te markeren. De gehandicaptenparkeerplaats bij een werkadres wordt waar mogelijk op het eigen terrein van werkgever aangelegd, zodat dit niet ten koste gaat van openbare parkeerplaatsen. Bij een gehandicaptenparkeerplaats bij een werkadres wordt bij bord E6 van bijlage 2 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 een onderbord geplaatst met daarop het kenteken van het voertuig van aanvrager alsmede een tijdvenster conform de werktijden. Een gehandicaptenparkeerplaats kan worden aangelegd voordat het verkeersbesluit onherroepelijk is geworden.

Rechtspraak bij dit artikel