In deze verordening wordt verstaan onder:
openbare plaats: een voor het publiek toegankelijke plaats,
waaronder begrepen de weg als bedoeld onder b.
weg: weg, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b, van de
Wegenverkeerswet 1994.
openbaar water: wateren die voor het publiek bevaarbaar of op
andere wijze toegankelijk zijn.
bebouwde kom: de bebouwde kom of kommen waarvan gedeputeerde
staten de grenzen hebben vastgesteld overeenkomstig artikel 27,
tweede lid, van de Wegenwet, bij hun besluiten van 4 december
1979 en20 augustus 1991.
rechthebbende: degene die over een zaak zeggenschap heeft
krachtens een zakelijk of persoonlijk recht.
bouwwerk: bouwwerk als bedoeld in artikel 1 van de
Bouwverordening, namelijk elke constructie van enige omvang van
hout, steen, metaal, of ander materiaal, die op de plaats van
bestemming hetzij direct hetzij indirect met de grond verbonden
is, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond,
bedoeld om ter plaatse te functioneren.
gebouw: gebouw als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c,
van de Woningwet.
reclame: iedere kennelijke vorm van aanprijzen of aandacht
vestigen op goederen, diensten,activiteiten of namen, met
inbegrip van bevestigings- en hulpconstructies en zichtbaar
vanaf de weg.
handelsreclame: reclame waarbij het commercieel belang centraal
staat bij het aanprijzen of aandacht vestigen.
ideële reclame: reclame waarbij een sociaal, maatschappelijk of
politiek belang centraal staat bij het aanprijzen of aandacht
vestigen en de statuten van de organisatie uitsluitsel geven of
sprake is van ideële reclame.
bevoegd gezag: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1, eerste
lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
omgevingsvergunning: een vergunning als bedoeld in
artikel 2.1, eerste lid of artikel 2.2 van de Wet
algemene bepalingen omgevingsrecht.
Hoofdstuk 1.
Artikel 1:1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening Roerdalen