Het is verboden zonder of in afwijking van een gebruiksvergunning van burgemeester en wethouders een bouwwerk in gebruik te hebben of te houden, waarin:
meer dan vijftig personen tegelijk aanwezig zullen zijn, anders dan in een één- of meergezinshuis;
aan meer dan tien personen bedrijfsmatig of in het kader van verzorging nachtverblijf zal worden verschaft;
aan meer dan tien kinderen jonger dan twaalf jaar, of aan meer dan tien lichamelijk en/of verstandelijk gehandicapten dagverblijf zal worden verschaft;
aan meer dan 3 personen afzonderlijk onzelfstandig woonverblijf (in de vorm van kamerverhuur) wordt verschaft;
grotere (sub)brandcompartimenten zijn gerealiseerd dan ten hoogste toegestaan in de afdelingen 2.13 en 2.14 van het Bouwbesluit, waarbij met een berekening volgens het ‘Reken- /beslismodel Beheersbaarheid bij brand’ is onderbouwd, dat het uitbreiden van brand wordt beperkt op een wijze, die leidt tot een mate van brandveiligheid als beoogd met die afdelingen;
sprake is van een stallinggarage met een gesloten constructie voor meer dan negentien auto’s, of een parkeergarage met een gesloten constructie.
Burgemeester en wethouders kunnen aan de gebruiksvergunning slechts voorwaarden verbinden in het belang van het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar en het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand.
Indien het belang waarvoor de vergunning is verleend dit vereist op grond van een verandering van de inzichten en/of verandering van de omstandigheden gelegen buiten het bouwwerk, opgetreden na het verlenen van de vergunning, kunnen burgemeester en wethouders aan de vergunning nieuwe voorwaarden verbinden en gestelde voorwaarden wijzigen of intrekken.