Naar hoofdinhoud
In een plan van aanpak legt de gemeente samen met u vast welke ondersteuning u krijgt. In dit plan staat welke afspraken er met u zijn gemaakt. De gemeente bekijkt met u welke ondersteuning u nodig heeft. De gemeente zet passende voorzieningen in. Als u een afstand heeft tot de arbeidsmarkt dan zijn er mogelijkheden om u te ontwikkelen: van arbeidsmatige dagbesteding tot regulier werk. Daarbij hoort ook de mogelijkheid om tijdelijk een stapje terug te doen als het even wat minder gaat. De voorzieningen van de gemeente zijn bedoeld voor inwoners benoemd in artikel 3.1 lid 1 van deze verordening. In bepaalde situaties kan de gemeente een voorziening ook voor andere inwoners inzetten, bijvoorbeeld als de Participatiewet dat aangeeft. Sommige voorzieningen worden aan werkgevers gegeven, zoals loonkostensubsidie. Het kan ook zijn dat bepaalde voorzieningen niet voor iedereen uit de doelgroep kunnen worden ingezet. Als dat zo is, wordt dat hieronder per voorziening aangegeven. De gemeente beoordeelt per situatie of het zinvol is om een voorziening in te zetten. Zij bepaalt welke voorziening wordt ingezet en voor hoe lang. Daarbij kijkt de gemeente naar verschillende dingen: uw omstandigheden, uw mogelijkheden en eventuele beperkingen, de zorg voor kinderen, mantelzorg, wettelijke verplichtingen en het beschikbare budget. Gaat het om ondersteuning op maat, dan zijn ook de voorwaarden uit artikel 2.3.2 van deze verordening van toepassing. Het doel van een voorziening is het vinden of behouden van een werkplek die voor u geschikt is. De gemeente kan de volgende voorzieningen inzetten: proefplaatsing; werkervaringsplek; participatieplaats; sociale activering; beschut werk; persoonlijke ondersteuning bij werk (ondersteuning op de werkplek van een jobcoach); ondersteuning bij een leer-werktraject; scholing; tijdelijke loonkostensubsidie; wettelijke loonkostensubsidie; ondersteuning bij het leren van de Nederlandse taal; kinderopvang.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel