In deze verordening wordt verstaan onder:
a. algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;
b. algemeen urnengraf: een graf bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen bijzetten van asbussen met of zonder urnen;
c. asbus: een bus ter berging van as van een overledene;
d. begraafplaatsen: de begraafplaatsen te Akmarijp, Joure, Langweer, Oldeouwer, Scharsterbrug, Sint Nicolaasga, Snikzwaag, Teroele, Harich, Mirns, Nijemirdum, Sloten, Bantega, Lemmer (Straatweg 13A) en Lemmer (Straatweg 33);
e. belanghebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een algemeen graf of een algemeen urnengraf is verleend, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden;
f. beheerder: de ambtenaar die belast is met de dagelijkse leiding van de begraafplaatsen of degene die hem/haar vervangt;
g. directe begraving: geen mogelijkheid tot reservering van een graf;
h. graf: een zandgraf, zowel particulier als algemeen, of keldergraf;
i. grafbedekking: gedenkteken en grafbeplanting op een graf, gedenkplaats of verstrooiingsplaats;
j. grafkelder: een betonnen of gemetselde constructie waarin een of meerdere lijken worden begraven of asbussen worden bijgezet; grafkelders kunnen onderdeel zijn van een bovengrondse muur of wand;
k. gedenkplaats voor het ongeboren kind: een speciaal ingerichte plaats op de begraafplaats ter nagedachtenis aan kinderen die tijdens de zwangerschap of bij de geboorte zijn overleden;
l. lijk: het lichaam van een overledene of doodgeborene;
m. particulier graf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
1. het doen begraven en begraven houden van lijken;
2. het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
3. het doen verstrooien van as.
n. particulier urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot:
1. het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
2. het doen verstrooien van as.
o. particuliere gedenkplaats: een plaats waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend om overledenen te gedenken;
p. particuliere urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urnen;
q. rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier graf, een particulier urnengraf of een particuliere gedenkplaats, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden;
r. schudden: het op verzoek van de rechthebbende leeg maken van één of meerdere lagen in een graf waarbij de stoffelijke resten onder de onderste laag worden samengebracht;
s. urn: een voorwerp ter berging van een of meer asbussen;
t. verlof tot begraven: begraven of cremeren mag alleen geschieden met schriftelijk verlof van de ambtenaar van de burgerlijke stand;
u. verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid.
HOOFDSTUK 1.
Artikel 1.
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen gemeente De Fryske Marren 2025