**1..** Het college zorgt voor de inzet van jeugdhulp die door de rechter, het openbaar ministerie, de gecertificeerde instelling of andere in de Jeugdwet genoemde instanties noodzakelijk wordt geacht bij de uitvoering van een kinderbeschermingsmaatregel of strafrechtelijke beslissing.
**2..** Indien verwijzing plaatsvindt naar een niet door het college gecontracteerde jeugdhulpaanbieder, is vooraf toestemming van het college vereist. Het college kan aan deze toestemming voorwaarden verbinden, waaronder eisen ten aanzien van kwaliteit, tarief, doelmatigheid en duur van de inzet. Een weigering van toestemming wordt door het college deugdelijk gemotiveerd, met inachtneming van het zorgvuldigheidsbeginsel als bedoeld in artikel 3:2 en 3:46 van de Algemene wet bestuursrecht.
**3..** Voor de voorzieningen die via een rechter of gecertificeerde instelling zijn toegekend verstrekt het college geen beschikking.
**4..** Het college maakt afspraken met de gecertificeerde instellingen en de rechterlijke macht over de vorm en inhoud van besluiten tot inzet van jeugdhulp en de wijze waarop het college hiervan in kennis wordt gesteld.
**5..** In spoedeisende gevallen treft het college zo spoedig mogelijk een passende tijdelijke voorziening.
**6..** Bij verwijzingen als bedoeld in dit artikel zorgt het college voor afstemming met andere voorzieningen overeenkomstig artikel 3.4 van deze verordening.
**7..** Het college kan nadere regels stellen over de uitvoering van dit artikel.
Hoofdstuk 3
Artikel 3.3
Toegang via rechter of gecertificeerde instelling
Onderdeel van Verordening jeugdhulp gemeente Culemborg 2026