Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de per jaar verschuldigde rechten

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van brug- en havengelden 2026

1.. Het bruggeld is verschuldigd bij aanvang van het openen van de eerste brug op een vaartracé. 2.. Het havengeld is verschuldigd zodra een aanvang wordt gemaakt met het afmeren in gemeentewater. 3.. De naar jaartarief geheven havengelden zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar, of zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 4.. Als de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, zijn de naar jaartarief geheven havengelden verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle maanden overblijven. 5.. Als de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat voor de naar jaartarief geheven havengelden aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle maanden overblijven.

Rechtspraak bij dit artikel