Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1.

Artikel 1.

Definities

Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Ermelo 2026

In deze verordening wordt verstaan onder: Aanbodmodel: verdelingsmodel waarin vrijkomende huurwoningen van verhuurders worden geadverteerd en de woningzoekende zelf kiest en reageert. De beschikbare woonruimte wordt overeenkomstig artikel 4 en 5 te huur aangeboden en de volgorde van woningzoekenden wordt bepaald aan de hand van artikel 9; Bezwarencommissie Woonruimteverdeling Noord – Veluwe: een adviescommissie als bedoeld in artikel 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht; Centrale uitgang: de commissie onder leiding van de GGD Noord- en Oost-Gelderland van zorginstellingen en verhuurders die cliënten voordraagt die in aanmerking komen voor zelfstandige bewoning na verblijf in zorginstellingen; Directe bemiddeling: het toewijzen van woonruimte aan een woningzoekende buiten het aanbodmodel of lotingmodel om. Deze woningen worden niet openbaar ‘te huur’ aangeboden, maar worden direct aangeboden aan de kandidaat; Duurzaam gemeenschappelijk huishouden: hiervan is sprake als de woningzoekende samen met een ander het hoofdverblijf, niet zijnde het ouderlijk huis, in dezelfde woning heeft, samen op de toekomst gericht is en financieel voor elkaar zorgt. Ook woningdelen wordt in deze verordening gezien als samenleven in duurzaam gemeenschappelijk verband; Economische binding: binding als bedoeld in artikel 14, vierde lid onder a van de Wet; Geclusterde woonvorm: Nultredenwoningen in een geclusterd verband van minimaal 12 woningen, waarbij er een inpandige ontmoetingsruimte aanwezig is, of beschikbaar is op loopafstand voor een oudere (ca. 100 meter); Hoofdverblijf: de woning waarin en van waaruit het leven van de woningzoekende zich in hoofdzaak afspeelt. Dit verblijfsadres moet bij de gemeente geregistreerd zijn in de Basisregistratie Personen (BRP); Huishouden: een alleenstaande, dan wel twee of meer personen, met of zonder kinderen, die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of wensen te voeren; Huishoudinkomen: het inkomen zoals bedoeld in artikel 1 van de Wet; Huisvestingsvergunning: vergunning als bedoeld in artikel 1, eerste lid van de Wet; Ingangsdatum: de datum met ingang waarvan de urgentieverklaring in werking treedt; Inkomensgrens: zoals omschreven in artikel 1 van de Woningwet; Inschrijfduur: de aaneengesloten periode dat een woningzoekende is ingeschreven in het inschrijfsysteem; Inschrijfsysteem: het systeem, bedoeld in artikel 6, eerste lid; Jongerenwoning: woningen door de verhuurders gelabeld als geschikt voor de leeftijdsgroep tot 23 jaar of de leeftijdsgroep van 23 jaar tot 28 jaar; Koopprijsgrens: koopwoning met een vrij op naam prijs van maximaal € 296.000 (prijspeil 2025). De grens wordt jaarlijks op 1 januari aangepast met hetzelfde percentage als de betaalbaarheidsgrens uit de Nationale woon- en bouwagenda of daaruit volgende beleidsnotities of -regels; Lotingsmodel: wijze van verdeling van woonruimte waarbij de rangorde van woningzoekenden door middel van loting wordt bepaald; Maatschappelijke binding: binding als bedoeld in artikel 14, vierde lid onder b van de Wet; Mantelzorg: hulp als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015; Maximale lagehuurgrens: de rekenhuur als bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder a, van de Wet op de huurtoeslag; Nultredenwoning: reguliere woningen die intern en extern toegankelijk zijn. Dat wil zeggen dat de woning en de belangrijkste gebruiksruimtes (keuken, badkamer, toilet en minimaal een slaapkamer) zonder trappen bereikbaar zijn; Regio: de voor volkshuisvesting samenwerkende gemeenten Elburg, Ermelo, Harderwijk, Nunspeet, Oldebroek en Putten; Seniorenwoning: rollator toe- en doorgankelijke woonruimte in een complex dat door de opzet en de ligging nabij voorzieningen in het bijzonder geschikt is voor woningzoekenden van minimaal 55 jaar oud; Specifieke voorziening: een bouwkundig kenmerk van een woning (of een conceptuele aanpassing / een conceptueel uitgangspunt) waardoor deze bij uitstek geschikt is voor woningzoekenden die veel baat hebben bij, dan wel aangewezen zijn op, de desbetreffende voorziening; Starterswoning: een huurwoning in bezit van een van de verhuurders aangeboden met een huurcontract voor onbepaalde tijd met maximaal twee slaapkamers. Statushouder: vreemdeling die in Nederland een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd heeft aangevraagd en als gevolg daarvan een verblijfsvergunning heeft ontvangen als bedoeld in artikel 8, onderdeel a, b, c, of d, van de Vreemdelingenwet 2000; Terugkeergarantie: een afspraak opgenomen in het sociaal plan gemaakt voorafgaand aan sloop of ingrijpende verbetering waarmee de woningzoekende na hun gedwongen verhuizing, kan terugkeren naar het nieuwbouw- of gerenoveerde complex. Tussenvoorziening voor de huisvesting van een statushouder: een tijdelijke woonvoorziening in woonruimte én niet-woonruimte specifiek door de gemeente of een andere eigenaar gerealiseerd voor de huisvesting van een statushouder ingevolge de in artikel 28 van de Wet bedoelde taakstelling. Urgentiecommissie: de commissie die ingesteld is voor het beoordelen van aanvragen van woningzoekenden om in een urgentiecategorie zoals beschreven in artikel 15. te worden ingedeeld; Verhuurders: de toegelaten instellingen als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet die feitelijk werkzaam zijn in een van de gemeenten van de regio; Verhuurvergunning opkoopbescherming: vergunning als bedoeld in artikel 41, eerste lid, van de Wet; Verkoper: de verkoper als bedoeld in titel 1 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek; Voorrangsregel: bepaling in de Wet of deze verordening op grond waarvan aan een specifieke categorie woningzoekenden voorrang wordt gegeven bij het verlenen van huisvestingsvergunningen; Wet: Huisvestingswet 2014, met inbegrip van eventueel later vastgestelde wijzigingen dan wel later in de plaats tredende regelgeving; Wlz-indicatie (Wet langdurige zorg (Wlz): Een indicatie afgegeven door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) voor het krijgen van langdurige zorg in de thuissituatie. Wmo-verhuisindicatie (Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo)): een beoordeling die door de gemeente via het Wmo-loket wordt verstrekt. Een expertteam beoordeelt of iemand aanpassingen in de eigen woning kan krijgen of dat het beter is om met voorrang te verhuizen naar een reeds aangepaste woning. Woningdelen: verhuurders kunnen meer mensen huisvesting bieden, wanneer huurders hun woning met elkaar delen (zonder dat zij een duurzaam gezamenlijk huishouden voeren). Bij woningdelen hebben huurders hun eigen woonruimte en maken daarnaast gebruik van gezamenlijke ruimten of voorzieningen, zoals de keuken en de badkamer. Verhuurders kunnen woningdelen faciliteren middels inwoning, hospitaverhuur of via friendscontracten (het verhuren van een huis aan meerdere alleenstaanden met een gezamenlijk huurcontract). Woningmarktregio: de woningmarktregio die bestaat uit het grondgebied van de gemeenten Elburg, Ermelo, Harderwijk, Nunspeet, Oldebroek, en Putten; Woningruil: Het door twee of meer huishoudens wederkerig in gebruik nemen van elkaars zelfstandige woonruimte met het oogmerk van daadwerkelijke permanente bewoning; Woningzoekende: huishouden, waartoe ten minste één meerderjarig persoon behoort, dat in het inschrijfsysteem als bedoeld in artikel 6, eerste lid is ingeschreven; Woonduur: Het aantal jaren dat een woningzoekende op het laatste woonadres heeft gewoond; Woongemeenschap: in een woongemeenschap wonen de inwoners in een woning (ongeacht het woningtype) van een woningcorporatie en hebben de bewoners een grote mate van zeggenschap over de invulling van hun woon- en leefomgeving. Veelal kiezen de bewoners zelf hun nieuwe bewoners (ook wel coöptatie) of speelt in de woningtoewijzing door de woningcorporaties motivatie een rol; Woonruimte: een besloten ruimte die, al dan niet tezamen met een of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden, en een standplaats (zoals beschreven in artikel 1 van de Wet; Zoekprofiel: het zoekprofiel als bedoeld in artikel 18; Zorggeschikte woningen: zelfstandige nultredenwoningen waarin Wlz-zorg geleverd kan worden en die onderdeel zijn van een geclusterde woonvorm. Om alle vormen van zorg te kunnen leveren zijn deze wooneenheden en de woonvorm rolstoelgeschikt. Woningen in categorie BAT-score 3 en 4 en Woonkeur 6 (certificaat D) vallen binnen deze definitie. Daarnaast zijn de woningen dementie-vriendelijk ingericht en heeft het complex idealiter een brancardlift.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel