Alle voorgaande eisen en randvoorwaarden in hoofdstukken 4.5 en 4.5.2 zijn ook van toepassing.
Code
Omschrijving eis/uitgangspunt
Toelichting / verwijzing
5.2.1-1
Uitneembare palen in voetgangersgebieden waar verkeer kan komen dienen van thermisch verzinkt staal te zijn en rood /wit gecoat.
5.2.1-2
Vaste en uitneembare palen in fietspaden dienen van meebuigend kunststof te zijn uitgevoerd in de kleuren rood/wit.
5.2.1-3
Bij uitneembare palen dient in overleg met de gemeente het type sleutel te zijn bepaald
Streven om één sleutel te gebruiken voor palen binnen de gehele gemeente ivm nood- en hulpdiensten.
5.2.1-4
Palen worden zeer terughoudend geplaatst, tenzij strikt noodzakelijk i.v.m. veiligheid en beheer.
Palen worden zo min mogelijk toegepast om gedrag te regelen (bv. Anti-parkeerpalen of anti-inrijpalen). Voorbeelden waar wel palen worden toegepast is op hoeken van straten (bescherming gevels) of afzetting van voetgangersgebieden
5.2.1-5
Doorgang voor fietsers bij palen zo breed mogelijk. Voorkeur van 1,60 meter. Indien een smaller profiel onvermijdelijk is, wordt minimaal 1,20 meter vrijgehouden tussen obstakels voor tweezijdige fietsdoorgang conform CROW-richtlijn 337.
Nadere uitwerking vereist. Toepassing van palen in fietspaden bij verschillende breedtes
5.2.1-6
Inleidende ribbelmarkering bij fietspalen wordt geplaatst conform de detailtekening in de bijlage. Ribbelmarkering dient 5 meter voor de paal te beginnen en voldoet aan de eisen voor visuele en tactiele waarneembaarheid (conform CROW).
Zie bijlage 13 voor detailtekening
5.2.1-7
Alle palen dienen volgens standaardmethode in de ondergrond te worden verankerd met buisanker of grondhuls, zodat rechtstand en herplaatsbaarheid gegarandeerd zijn
5.2.1-8
Palen dienen uniform te zijn in vorm, diameter (bijv. Ø 76 mm) en kleurstelling.
Per gebiedstype kunnen objecten verschillen, maar het streven is om zoveel mogelijk dezelfde objecten te gebruiken.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.1.5.1
Artikel 4.5.2.1