Naar hoofdinhoud
Alle voorgaande eisen en randvoorwaarden in hoofdstuk 4.8 zijn ook van toepassing. Code Eis Toelichting / verwijzing 8.1-1 Opleggingen van landhoofden en tussensteunpunten mogen niet in de grond zijn verwerkt. Dit i.v.m. rotten van het hout of corrosie van stalen onderdelen. 8.1-2 Bestaande houten (fiets en wandel) bruggen zo lang mogelijk in stand houden. 8.1-3 Nieuwe fiets -en voetbruggen ontwerpen met de volgende materialen Onderbouw: staal of beton (palen en langliggers) Bovenbouw: Staal of hout (dwarsligger en kespen) Dek: hout of kunststof Leuningen: hout of kunststof De onderbouw dient een langere levensduur te hebben dan de bovenbouw. Hout dient te zijn voorzien van FSC 8.1-4 Houten bruggen niet schilderen 8.1-5 Schilderwerk van stalen onderdelen van bruggen dient onderhouden te zijn 8.1-6 Fiets- en voetpaden over een brug dienen te zijn voorzien van gekleurde slijtlagen, resp. rood en grijs 8.1-7 Leuningstaanders dienen te zijn voorzien van rubberen of kunststof afstandstandshouders 8.1-8 Minimaal de eerste 2 meter verharding aansluitend aan het landhoofd van de brug uitvoeren in elementenverharding. Dit om eventuele zettingen en hoogteverschillen eenvoudig aan te passen. 8.1-9 Voorkom het aanbrengen van kabels en leidingen onder, door en aan de bruggen. Dit betreft ook mantelbuizen Dit i.v.m. onderhoud en eventueel te vervangen onderdelen

Rechtspraak bij dit artikel