Wanneer een inwoner eerder een individuele inkomenstoeslag heeft ontvangen en opnieuw een aanvraag indient, geldt het volgende: het inkomen mag in de referteperiode in maximaal drie afzonderlijke maanden boven de 120% van de bijstandsnorm uitkomen. Deze maanden hoeven niet aaneengesloten te zijn.
Deze regeling is bedoeld om te voorkomen dat inwoners door (tijdelijke) werkaanvaarding voor langere tijd worden uitgesloten van het recht op individuele inkomenstoeslag.
Let op:
Zijn de inwoners gehuwd of wonen ze samen, dan moeten beide partners aan de voorwaarden voldoen.
De gezinssituatie (alleenstaande, alleenstaande ouder of gehuwden/samenwonenden) wordt bepaald op de datum van aanvraag. Maar als er op die datum nog geen recht is op de toeslag, telt de datum waarop de inwoner wél aan de voorwaarden voldoet.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 3.1
Artikel 3.1.5
ONDERBREKINGEN
Onderdeel van Beleidsregels ondersteuning minima 2026