Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 20.

Afstemming met andere voorzieningen

Onderdeel van Integrale verordening jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning gemeente Vlissingen 2026

Het college verstrekt geen voorziening voor jeugdhulp als: de jeugdige voor zijn problematiek recht heeft op zorg vanuit de Wet langdurige zorg, de Beginselenwet justitiële jeugdinrichtingen of de Zorgverzekeringswet; het college oordeelt dat voor de problematiek van de jeugdige recht bestaat op een voorziening op grond van een andere wettelijke bepaling. Een maatwerkvoorziening voor begeleiding als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 is geen voorliggende voorziening voor een jeugdige tot 18 jaar; of, het college gegronde redenen heeft om aan te nemen dat de jeugdige in aanmerking kan komen voor zorg vanuit de Wet langdurige zorg, maar de jeugdige en/of ouder(s) of wettelijke vertegenwoordiger weigeren mee te werken aan de aanvraag voor een Wlz-indicatie. Als er meerdere oorzaken zijn voor de problemen en stoornissen van de jeugdige en daardoor naast mogelijke hulp vanuit de Wet langdurige zorg of de Zorgverzekeringswet, ook soortgelijke hulp vanuit de Jeugdwet kan worden verkregen, moet het college deze voorziening op grond van de Jeugdwet treffen. Als de jeugdige en/of ouder(s) of wettelijk vertegenwoordiger een aanvraag voor jeugdhulp doen waarvoor ze een voorziening vanuit een andere wet kunnen krijgen, verwijst het college naar die instantie waar de aanvraag voor de voorziening kan worden behandeld.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel