Het plantoetsingskader geeft initiatiefnemers kaders voor natuurinclusief bouwen bij ruimtelijke projecten. Er is gekozen voor een puntensysteem om de creativiteit en keuzevrijheid van ontwerpers te bevorderen. Er moet altijd een minimaal aantal punten gehaald worden door verblijfsplaatsen in te bouwen én door groene maatregelen op, aan en om de woning(en) toe te passen. Daarnaast moet de ontwikkelaar ook aan de 5V’s van een aantal doelsoorten voldoen. Aan welke doelsoorten een bijdrage moet worden geleverd, wordt bepaald aan de hand van natuurwaardenkaart. Als er binnen het project naast woningen en eventueel daarbij horende tuinen ook openbare ruimte wordt ingericht (bijvoorbeeld bij een gebiedsontwikkeling), dienen daar ook natuurinclusieve maatregelen te worden getroffen. Welke maatregelen precies worden gekozen om de punten te behalen is aan de initiatiefnemer, in overleg met de gemeente.
Om te bepalen hoe deze onderdelen worden gewaarborgd, hanteert het College van B&W de volgende toetsingsvoorwaarden:
De projectgrootte bepaalt het minimaal verplichte aantal doelsoorten waarvoor habitat gerealiseerd moeten worden. Projecten kunnen zich richten op extra doelsoorten, mits voor elke soort een volledig habitat wordt gecreëerd dat voldoet aan alle overlevingsvoorwaarden (de 5V’s). De soorten kunnen worden gekozen uit de voorkeurslijst van doelsoorten per buurt.
Plangebied (perceelgrootte)
Projectcategorie
Minimaal aantal doelsoorten
50-500 m2
Klein project
1
50-2.000 m2
Middelgroot project
2
>2.000 m2
Groot project
3
Per 100 m2 bebouwd oppervlak wordt minimaal één nest- of verblijfplaats ingebouwd. Voor gebouwen hoger dan 15 meter zijn dit er minimaal twee per 100 m2 bebouwd oppervlak. Daarnaast moet ieder project in het inrichtingsplan een minimaal aantal punten behalen met natuurinclusieve maatregelen. Het aantal punten wordt bepaald aan de hand van de grootte en het type werkzaamheden (nieuwbouw of ingrijpende renovatie). De gekozen maatregelen moeten in lijn zijn met de gekozen doelsoorten.
Minimaal aantal punten per 100 m2 plangebied
Nieuwbouw of sloop-nieuwbouw
2
Ingrijpende renovatie
1
Maatregelen mogen nooit ten koste gaan van de hoofdgroenstructuren die zijn vastgesteld in het Groenbeleid Rijswijk.
Bij de aanvraag van de omgevingsvergunning moeten alle details worden vastgelegd in het plantoetsingsformulier met puntensysteem en worden ingediend bij de gemeente.
Het ingevulde plantoetsingsformulier met puntensysteem wordt beoordeeld door de ecoloog bij de gemeente.
Artikel 3
– Methodiek/Systematiek
Onderdeel van Beleidsregel Natuurinclusief Plantoetsingskader gemeente Rijswijk