De gemeente zorgt ervoor dat de inwoner hulp-op-maat kan krijgen als het normale gebruik van de woning door een beperking niet mogelijk is. De hulp-op-maat houdt in dat de woning bereikbaar, bruikbaar en toe- en doorgankelijk wordt gemaakt.
De gemeente verstrekt niet altijd hulp-op-maat in de vorm van een woningaanpassing of nagelvast hulpmiddel. De gemeente geeft geen hulp-op-maat, als:
De inwoner tijdelijk verblijft in een hotel of pension, een tweede woning, een trekkerswoonwagen, een klooster, een vakantiewoning, een recreatiewoning of een ADL-clusterwoning.
Als de woning volgens het dan geldende bouwbesluit al aan de noodzakelijk specificatie moest voldoen.
De inwoner in een woning woont die doelgroep gericht of levensloopbestendig is, bijvoorbeeld een seniorencomplex, en de voorziening is bedoeld voor in een gemeenschappelijke ruimte, zoals elektrische deuropeners. Die voorziening wordt dan als algemeen gebruikelijk beschouwd.
De problemen die de inwoner ervaart bij het normale gebruik van de woning zijn het gevolg van de materialen die in de woning zijn gebruikt. De gemeente hoeft de kosten van een woningaanpassing niet te betalen als de beperkingen van de inwoner worden veroorzaakt door:
de aard van het materiaal in de woning;
het onjuist aanleggen, of;
onjuist gebruik van materialen bij een zelfstandig aangepaste woningvoorziening.
De problemen van de inwoner worden veroorzaakt door achterstallig onderhoud of het gevolg zijn van de omstandigheid dat de woning niet voldoet aan de wettelijke eisen, tenzij:
De inwoner goede pogingen heeft ondernomen om de gebreken zelfstandig, dan wel door de verhuurder te laten wegnemen; en
Er vanwege de gezondheid van de inwoner er binnen een redelijke aanvaardbare tijd geen uitzicht is op het wegnemen van de beperkingen.
De woonvoorziening alleen nodig is voor woningverbetering. Woningverbetering is altijd voor de inwoner zelf. De Wmo 2015 is er niet voor om algemeen gebruikelijke kosten te vergoeden die inwoners zonder beperking ook hebben. Het is in de hedendaagse maatschappij gangbaar dat bijvoorbeeld een badkamer na verloop van tijd wordt gerenoveerd. Daarvoor hoeft er niet iets kapot of niet meer functioneel te zijn. Wanneer een ruimte of voorwerpen hun afschrijvingsduur voorbij zijn, dan is het redelijk om te verwachten dat inwoner (of woningeigenaar) de kosten voor zijn rekening neemt die horen bij de vervanging. De Wmo 2015 dekt alleen de kosten die specifiek horen bij beperkingen waarvoor woningaanpassingen nodig zijn. In de praktijk betekent dit dat de gemeente geen technisch afgeschreven badkamers of keukens volledig gaat renoveren. Dit is woningverbetering en is voor de woningeigenaar.
Het gaat om voorzieningen die bij nieuwbouw of renovatie zonder veel meerkosten meegenomen kunnen worden.
De inwoner is verhuisd vanuit een woning waar de inwoner geen problemen had bij het normale gebruik van de woning naar een ongeschikte woning. Als een inwoner verhuist vanuit een woning die geschikt was naar een woning die niet geschikt is, hoeft de gemeente geen woonvoorziening te verstrekken.
Om te bepalen of de vorige woning geschikt was doet de gemeente onderzoek naar de geschiktheid van de vorige woning.
Als een inwoner met toestemming van de gemeente is verhuisd naar een ongeschikte woning, dan verstrekt de gemeente hulp-op-maat in de vorm van een woonvoorziening.
De inwoner is verhuisd vanuit een ongeschikte woonruimte naar een woonruimte die binnen afzienbare tijd na de verhuizing niet langer geschikt is vanwege een progressieve aandoening, waarbij voorzienbaar was dat klachten van de inwoner zouden toenemen.
De inwoner een indicatie heeft voor verhuizing naar een zorginstelling op grond van de Wet langdurige zorg (Wlz), behalve als de inwoner ervoor heeft gekozen om met zijn indicatie thuis te blijven wonen en de Wlz-zorg thuis ontvangt.
Wanneer de vraag kan worden opgelost met een algemeen gebruikelijke voorziening.
Een woonvoorziening die een eerder verstrekte woonvoorziening vervangt, kan alleen worden verstrekt, als:
de eerder verstrekte woonvoorziening technisch is afgeschreven;
de eerder verstrekte woonvoorziening verloren is gegaan buiten de schuld van de inwoner om, of als
de eerder verstrekte woonvoorziening geen oplossing meer is voor de woonproblemen van de inwoner.
Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.6.
Artikel 5.6.3
Uitgangpunten woningvoorziening
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning en Jeugdhulp 2026 gemeente Dalfsen