Na de aanvraag volgt een afspraak voor een gesprek tussen de jeugdige en/of de ouders en de consulent. Hierbij is het uitgangspunt dat zowel ouders als jeugdige gehoord worden. Bij het gesprek kan een onafhankelijke cliëntondersteuner aanwezig zijn.
Bij het gesprek zoals in het eerste lid beschreven is/zijn in ieder geval aanwezig:
a. Voor een jeugdige tot 12 jaar de ouder(s) en de jeugdige voor zover deze hiertoe in staat is;
b. Voor een jeugdige tussen 12 en 16 jaar de jeugdige en de ouder(s);
c. Voor een jeugdige vanaf 16 jaar de jeugdige zelf.
Het college stemt de jeugdhulp waaraan de jeugdige en/of ouder(s) behoefte hebben ten minste af op het aanbod van activiteiten, diensten of middelen op grond van:
a. de Leerplichtwet;
b. de onderwijswetten;
c. de Participatiewet;
d. de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening;
e. de Wet inburgering 2021;
f. de Wet kinderopvang;
g. de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
h. de Wet publieke gezondheid;
i. de Wet tijdelijk huisverbod; en
j. de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg,
zodat deze zo veel mogelijk op elkaar aansluiten en ondersteunt de jeugdige en/of ouder(s) actief bij het verkrijgen van toegang tot de andere voorziening(en) of bij behoud van de continuïteit van hulp op grond van de benodigde hulp.
De jeugdige en/of ouders kunnen een familiegroepsplan inbrengen als input voor het gesprek op grond van artikel 2.1 sub g van de wet.
De consulent maakt een verslag van het gesprek. Dit verslag is onderdeel van het ondersteuningsplan.
Hoofdstuk 1 › Paragraaf
Artikel 3.
Het gesprek
Onderdeel van Nadere regels jeugdhulp en maatschappelijke ondersteuning Veere 2026