Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.

Definities

Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Vlieland 2025 – 2029

Bedrijfswoning/dienstwoning: een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de bestemming van het gebouw of het terrein noodzakelijk is; BRP: Basisregistratie Personen, houdende persoonsgegevens van inwoners van Nederland (ingezetenen). Economische binding: Economisch gebonden is de woningzoekende die kan aantonen dat hij/zij voor het voorzien in zijn/haar bestaan is aangewezen op het duurzaam verrichten van arbeid binnen de gemeente Vlieland en waarvoor het noodzakelijk is om op Vlieland te wonen. aan economisch gebonden worden gelijkgesteld, personen die wonen op Vlieland, staan ingeschreven in de BRP van de gemeente Vlieland en zeevarende zijn. (Werkzaam in de koopvaardij, visserij, binnenvaart, marine, loodswezen, bagger, en off-shore). aan economisch gebonden worden gelijk gesteld personen die staan ingeschreven in de BRP van de gemeente Vlieland en die geen deel meer uitmaken van het arbeidsproces, maar die gedurende vijf jaren voorafgaande aan het moment dat ze uit het arbeidsproces raakten, voldeden aan de criteria voor economische binding onder a of b. aan economisch gebonden worden gelijkgesteld weduwen-weduwnaars uit huwelijk of geregistreerd partnerschap van hen die op het moment van overlijden voldeden aan de criteria a, b of c. Gebruik als tweede woning: het beschikbaar hebben of houden van woonruimte ten behoeve van zichzelf of een ander, zonder dat men of die ander zijn hoofdverblijf in de desbetreffende woonruimte heeft; Gezinswoning: een woonruimte met drie slaapkamers en in bijlage 1 aangegeven als gezinswoning. Grote gezinswoning: een grondgebonden woonruimte met drie slaapkamers of meer en in bijlage 1 aangegeven als grote gezinswoning. Hoofdbewoner: een persoon die een woonruimte als hoofdverblijf heeft en gebruikt en ook als zodanig in de BRP is ingeschreven. Hoofdverblijf: het adres waar een persoon (en diens huishouden) gehuisvest is en waar de woonruimte gebruikt wordt als hoofdverblijf zoals bedoeld in de gemeentelijke Basisregistratie Personen. Als criterium voor de vaststelling of iemand een woonruimte als hoofdverblijf in gebruik heeft, geldt dat hij op het betreffende adres staat ingeschreven in de gemeentelijke Basisregistratie Personen, terwijl tevens uit het geheel van feiten en omstandigheden blijkt dat de woonruimte fungeert als het centrum van de persoonlijke, sociale en economische activiteiten van de betrokkene. Huishouden: een alleenstaande, dan wel twee of meer personen die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren of willen gaan voeren; van een duurzame gemeenschappelijke huishouding is sprake als het gaat om een vaste groep van personen tussen wie een band bestaat die het enkel gezamenlijk bewonen van bepaalde woonruimte te boven gaat en die de bedoeling hebben om bestendig voor onbepaalde tijd een huishouden te vormen. Voor de beantwoording van de vraag of een duurzame gemeenschappelijke huishouding bestaat, zijn volgens vaste jurisprudentie zowel objectieve als subjectieve factoren, zoals de bedoeling van de betrokkenen, van belang. Huisvestingsvergunning: vergunning als bedoeld in artikel 8, eerste lid van de Wet; Huurliberalisatiegrens: de maximale huur, waarbij nog recht op huurtoeslag bestaat, conform de huurprijs in artikel 13 van de Wet op de huurtoeslag. Maatschappelijke binding: een woningzoekende heeft maatschappelijke binding als hij/zij ten minste vijftien jaar onafgebroken ingezetene is, dan wel gedurende de voorafgaande twintig jaar ten minste vijftien jaar ingezetene is geweest van de gemeente Vlieland; waarbij de jaren van de studietijd van de scholier/student die zich in verband met de voltijd- of duale studie heeft uitgeschreven als ingezetene van de gemeente Vlieland meetellen als ingezetene. Middenhuurwoning: woningen met een huurwaarde boven de huurliberalisatiegrens die minder of gelijk is aan de volgens de Uitvoeringsregeling huurprijzen woonruimten gestelde maximale huurwaarde voor 187 punten. (Prijspeil 2024: tussen de € 879,66 per maand en €1.157,96 per maand). NHG-grens: de kostengrens voor woningen zonder energiebesparende voorzieningen, zoals opgenomen in de Voorwaarden en Normen van Nationale Hypotheek Garantie. Onttrekken: het, anders dan ten behoeve van de permanente bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar, onttrekken aan de bestemming tot bewoning. Onttrekkingsvergunning: de vergunning als bedoeld in artikel 21 van de Wet. Onzelfstandige woonruimte: woonruimte, niet zijnde woonruimte bestemd voor inwoning, welke geen eigen toegang heeft en welke niet door een huishouden kan worden bewoond, zonder dat dit daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen buiten die woonruimte. Als wezenlijke voorzieningen worden in ieder geval verstaan een keuken en een toilet. Permanente bewoning: het permanent wonen en zijn/haar hoofdverblijf hebben in de woning, bewoning als bedoeld in de Wet Basisregistratie Personen, hetgeen blijkt uit zowel een inschrijving in de basisregistratie personen als uit het daadwerkelijk gebruik van de woning zoals beschreven in het begrip hoofdverblijf. Recreatieve bewoning: de bewoning die plaatsvindt in het kader van de weekend- en/of verblijfsrecreatie. Recreatiewoning: een gebouw of een complex van ruimten in een gebouw dat naar de aard en inrichting is bedoeld voor recreatieve bewoning. Register: het gemeentelijke register van woningzoekenden. Samenvoegen: het anders dan ten behoeve van de bewoning of het gebruik als kantoor of praktijkruimte door de eigenaar samenvoegen van woonruimte met andere woonruimte of samengevoegd te houden als bedoeld in artikel 21 van de Wet. Splitsingsvergunning: de vergunning als bedoeld in artikel 22 van de Wet. Tijdelijk dienstverband: een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd van ten minste 20 uur per week op Vlieland. Verordening: de Huisvestingsverordening van de gemeente Vlieland 2024-2028. Wet: Huisvestingswet 2014. Woning: een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden. Woningcorporatie: toegelaten instelling als bedoeld in artikel 19 van de Woningwet die feitelijk werkzaam is in de gemeente. Woningmarktregio: gebied dat vanuit het oogpunt van het functioneren van de woningmarkt als een geheel kan worden beschouwd; woningmarktregio: in dit geval het grondgebied van de gemeente Vlieland. Woningvorming: het verbouwen tot twee of meer woonruimten als bedoeld in artikel 21 van de Wet. Woningzoekende: persoon die zich ingeschreven heeft in het gemeentelijke register van woningzoekenden. De registratie als woningzoekende is persoonsgebonden. Wooncoöperatie: een wooncoöperatie is een vereniging met volledige rechtsbevoegdheid die zich ten doel stelt om haar leden in staat te stellen zelfstandig te voorzien in het beheer en onderhoud van de door hen bewoonde woongelegenheden en de direct daaraan grenzende omgeving. Woonoppervlakte: het totaal van de oppervlakten van de vertrekken als bedoeld in NEN 2580: woonkamer, keuken, badkamer/doucheruimte, slaapkamer(s), zolderkamer indien bereikbaar via vaste trap en met ruime mate van daglichtaanwezigheid. Overige ruimtes: kelder, bijkeuken, wasruimte, bergruimte/schuur, ingebouwde kasten groter dan 2 m², garage, zolder niet zijnde vertrek, en verkeersruimten worden niet meegeteld. Woonruimte: wat hieronder wordt verstaan in artikel 1, lid 1, onder l. van de Huisvestingswet 2014. Zelfstandige woonruimte: woonruimte, met een eigen toegang, die door één huishouden kan worden bewoond zonder dat het huishouden daarbij afhankelijk is van één of meer wezenlijke voorzieningen (zoals toiletruimte, badruimte en keuken) buiten die woonruimte.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel