**1..** Bijzondere bijstand staat open voor iedere belanghebbende met een laag inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm inclusief vakantietoeslag.
**2..** Indien belanghebbende een inkomen heeft hoger dan het in lid 1 genoemde inkomen, wordt er rekening gehouden met draagkracht, zoals beschreven in artikel 2.4 tot en met 2.7 van deze beleidsregels.
**3..** De kostendelersnorm wordt niet toegepast.
**4..** Het recht op bijzondere bijstand kan ambtshalve worden vastgesteld als het indienen van een aanvraag niet mogelijk is vanwege individuele omstandigheden.
**5..** Het college kan een deskundige om advies vragen als dat voor het vaststellen van het recht en/of de hoogte van bijzondere bijstand noodzakelijk is.
**6..** De Zorgverzekeringswet en de Wet langdurige zorg vormen een passende en toereikende voorliggende voorziening voor medische kosten zodat voor medische kosten geen bijzondere bijstand wordt verstrekt, tenzij deze beleidsregels anders bepalen
Toelichting op de beleidsregels
Algemeen
In de beleidsregels is opgenomen voor welke bijzonder noodzakelijke kosten door onvoorziene omstandigheden een beroep op de bijzondere bijstand kan worden gedaan.
Criteria voor vergoeding kosten door middel van bijzondere bijstand zijn:
Doen de kosten zich voor?
Zijn de kosten noodzakelijk?
Is er sprake van bijzondere omstandigheden?
Kunnen de kosten niet worden bekostigd uit een voorliggende voorziening?
Heeft de belanghebbende voldoende draagkracht?
Ook dient beoordeeld te worden of belanghebbende voor de kosten kon reserveren. Daarnaast zal bij iedere aanvraag indien nodig onderzocht moeten worden of het noodzakelijk is om maatwerk toe te passen. Als sprake is van een (deels) negatieve beschikking, neemt de gemeente contact op met de belanghebbende om deze in de gelegenheid te stellen zijn zienswijze naar voren te brengen. Het is mogelijk dat uit dit contact nieuwe gegevens komen die aanleiding kunnen zijn om het voorgenomen besluit te herzien. Pas daarna volgt een gemotiveerde schriftelijke (gedeeltelijke) afwijzing.
Artikel 1.1 Begrippen
De begrippen spreken voor zich.
Artikel 1.2 Algemene uitgangspunten bijzondere bijstand
Gemeenten zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de Participatiewet en de daarin opgenomen mogelijkheden tot het verstrekken van individuele bijzondere bijstand. De bijzondere bijstand is wettelijk geregeld in artikel 35 Participatiewet. In dit artikel is bepaald dat bijzondere bijstand wordt verstrekt voor de noodzakelijke kosten van bestaan die als gevolg van bijzondere individuele omstandigheden niet kunnen worden voldaan uit de algemene bijstandsnorm, de individuele inkomenstoeslag, de studietoeslag, het vermogen en het inkomen tot 120% van de toepasselijke bijstandsnorm inclusief vakantietoeslag. Als het inkomen 120% van de toepasselijke bijstandsnorm inclusief vakantietoeslag bedraagt of hoger en er onvoldoende draagkracht is om deze bijzonder noodzakelijke kosten zelf te voldoen, kan er ook recht zijn op bijzondere bijstand. Niet de aard van de kosten is bepalend, maar de omstandigheden van de belanghebbende. De beoordeling van deze bijzondere individuele omstandigheden is aan het college. De landelijk geregelde bijstandsnorm en de eventueel daarop verleende toeslag zijn in de regel toereikend zijn om in de noodzakelijke kosten van bestaan te voorzien. Voor het domicilie geldt artikel 40 van de Participatiewet, waarbij het feitelijk verblijf bepalend is.
Bij het vaststellen van de noodzaak en/of hoogte van de bijzondere bijstand is het college niet altijd ter zake kundig. In die gevallen heeft het college de bevoegdheid om advies van een deskundige in te winnen. De belanghebbende zal medewerking moeten verlenen aan het onderzoek (artikel 17, lid 2, Participatiewet). Een voorliggende voorziening is een voorziening die gezien haar aard en doel geacht wordt passend en toereikend te zijn voor belanghebbende. Als voorliggende voorziening als bedoeld in artikel 15 Participatiewet en het bepaalde in dit artikel wordt in ieder geval begrepen (niet limitatief):
Wet langdurige zorg;
Zorgverzekeringswet;
Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
Wet op de Huurtoeslag;
Wet op de Zorgtoeslag;
Wet Kinderopvang.
Ook als in een voorliggende voorziening de gemaakte kosten niet volledig worden vergoed is er in beginsel sprake van een passende en toereikende voorliggende voorziening. De prestaties en vergoedingen op grond van de Zorgverzekeringswet zijn volgens vaste rechtspraak voor medische en paramedische kosten een aan de wet voorliggende, toereikende en passende voorziening. Volgens de rechtspraak is in het algemeen een bewuste keus gemaakt over de noodzaak van het vergoeden van deze kosten. Worden deze kosten dus niet vergoed uit de verplichte basisverzekering dan kan de aanvraag bijzondere bijstand in beginsel worden afgewezen. In verband met het vaststellen van de noodzaak van de gemaakte kosten kan zo nodig advies worden ingewonnen bij derden, bijvoorbeeld medisch advies.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.2
Algemene uitgangspunten bijzondere bijstand
Onderdeel van Beleidsregels Bijzondere bijstand Voorne aan Zee 2026