Naar hoofdinhoud

Artikel 3

Verlenen van ambtelijke bijstand

Onderdeel van Verordening ambtelijke bijstand en fractieondersteuning gemeente Kampen

De ambtelijke bijstand wordt verleend tenzij: het raads- of commissielid niet aannemelijk heeft gemaakt dat de bijstand betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad; dit het belang van de gemeente kan schaden; de taakuitoefening van de betreffende ambtenaar hierdoor ernstig wordt belemmerd en dit gelet op de prioriteit die aan die werkzaamheden is gegeven, onaanvaardbaar wordt geacht. Indien de secretaris van mening is dat de gevraagde bijstand moet worden geweigerd op grond van het bepaalde in het eerste lid, sub c, overlegt hij met de griffier of de bijstand niet tot geringere en aanvaardbare proporties kan worden teruggebracht. Indien daarover overeenstemming is bereikt, wijst de secretaris één of meer ambtenaren aan om de gevraagde bijstand te verlenen. Als de secretaris het verzoek om ambtelijke bijstand weigert, deelt hij dit met redenen omkleed mee aan de griffier en aan het raads- of commissielid door wie het verzoek is ingediend. De griffier of het raadslid kan de burgemeester verzoeken met de griffier en de secretaris en zo nodig het raadslid in overleg te treden over het alsnog laten verlenen van de ambtelijke bijstand. De burgemeester geeft zo spoedig mogelijk gehoor aan dit verzoek.

Rechtspraak bij dit artikel