Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Vrijstellingen

Onderdeel van Legesverordening Weert 2026

Leges worden niet geheven voor: diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 13.6 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald; diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend; een attestatie de vita ten behoeve van een uitkering pensioen; geen verzekering voor bijvoorbeeld een lijfrentepolis; stukken en nasporingen, welke ambtshalve ter voldoening aan wettelijke of administratieve voorschriften moeten worden opgemaakt of verricht; bewijzen van onvermogen; stukken, opgemaakt tot regeling van gemeentelijke belastingen; raadpleging van kadastrale stukken, indien de raadpleging geschiedt ten behoeve van de rijks-, provinciale of gemeentelijke dienst of van een waterschap; een collectevergunning of loterijvergunning voor zover de opbrengst bestemd is voor een charitatief doel; een afvalinzamelingvergunning verstrekt aan charitatieve organisaties die zijn geregistreerd bij het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) of organisaties die een duurzame, maatschappelijke meerwaarde tot stand brengen.

Rechtspraak bij dit artikel