Naar hoofdinhoud

Artikel 10.

Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

Onderdeel van Verordening rioolheffing Weert 2026

1.. De belasting is verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar of, als dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht. 2.. Indien de belastingplicht met betrekking tot het perceel in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting verschuldigd over zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigd gebruikersdeel als er in dat jaar na het tijdstip van de aanvang van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven. 3.. Indien de belastingplicht met betrekking tot het perceel in de loop van het belastingjaar eindigt, wordt ontheffing verleend over zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar na het tijdstip van de beëindiging van de belastingplicht nog volle kalendermaanden overblijven. 4.. Het tweede en derde lid zijn niet van toepassing, indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar een ander perceel in gebruik neemt. 5.. Belastingbedragen van minder dan € 5,00 worden niet geheven. 6.. Voor de toepassing van het vorige lid wordt het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen aangemerkt als één belastingbedrag.

Rechtspraak bij dit artikel