**1..** Voorwerp van de belasting is een perceel.
**2..** Als perceel wordt aangemerkt:
de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet WOZ;
de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is;
een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde persoon in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren;
het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenstel;
Gebouwde eigendommen en gedeelten van gebouwde eigendommen, die blijkens indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt en die naar aard en inrichting geschikt zijn om enigszins duurzaam voor menselijke bewoning te dienen, die deel uitmaken van een in artikel 16, onderdeel e van de Wet WOZ bedoelde onroerende zaak.