Het havengeld wordt niet geheven voor:
Vaartuigen in directe dienst van de gemeente;
Vaartuigen, welke tot het uitbaggeren van de gemeentelijke havens en de vaargeul worden gebezigd;
Bedrijfsvaartuigen, welke nieuw van de werf te water worden gelaten en binnen veertien dagen na de tewaterlating de haven ongeladen verlaten;
Gebruik of genot van de haven met botters;
Botters en andere historische schepen (op vertoon van Register Varend Erfgoed) welke gedurende evenementen met historische schepen ligplaats in de haven kiezen, mits het gebruik van de haven de duur van 7 dagen per kalenderjaar niet te boven gaat.
Artikel 8
Vrijstellingen
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van haven-, lig, kade- en opslaggelden 2026