Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 21.

Jaarrekening

Onderdeel van Gemeenschappelijke Regeling Noord-Hollands Archief

1. . Het dagelijks bestuur zendt voor 30 april van het jaar na het jaar waarvoor de jaarrekening dient, een voorlopige jaarrekening aan de Minister en de raden van de gemeenten. 2.. Het dagelijks bestuur draagt er zorg voor dat medewerking wordt verleend aan door of namens de accountant(s) van de minister en de gemeenten in te stellen onderzoeken naar de door de accountant verrichte (controle)werkzaamheden. 3.. Het dagelijks bestuur brengt jaarlijks aan de minister en de raden van de gemeenten voor 30 april een inhoudelijk verslag uit van de werkzaamheden, het gevoerde beleid in het algemeen en de doelmatigheid en doeltreffendheid van zijn werkzaamheden en werkwijze in het bijzonder in het afgelopen kalenderjaar. 4.. Het algemeen bestuur stelt de jaarrekening vast in het jaar volgende op het jaar waarop deze betrekking heeft. 5.. Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ieder geval vóór de in artikel 34, vierde lid, van de wet genoemde datum aan gedeputeerde staten van de provincie, de Minister en de raden van de gemeenten. 6.. Het dagelijks bestuur stelt de in het eerste en derde lid bedoelde stukken algemeen verkrijgbaar.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel