**1..** Onverminderd het bepaalde in de wet, kan het college een voorziening beëindigen indien:
de klant die aan de voorziening deelneemt de hem opgelegde verplichting niet nakomt;
de klant die deelneemt niet meer behoort tot de doelgroep zoals bedoeld in artikel 2 en 5 van de Verordening Participatie;
de klant algemeen geaccepteerde arbeid aanvaardt;
de voorziening onvoldoende bijdraagt aan de doelstelling van het traject.
**2..** Onverminderd het bepaalde in de wet, kan het college, indien een uitkeringsgerechtigde die gebruik maakt van een voorziening niet of onvoldoende voldoet aan het gestelde in artikel 6 en 7 van de Verordening Participatie, de uitkering verlagen op de wijze zoals voorzien in de Afstemmingsverordening Nieuwegein, voor zover deze van toepassing is, alsmede het recht op de voorziening geheel of gedeeltelijk herzien en de kosten van de voorziening terugvorderen.
**3..** Indien een niet-uitkeringsgerechtigde die gebruik maakt van een voorziening, niet voldoet aan het gestelde in artikel 6 en 7 van de Verordening Participatie, kan het college het recht op de voorziening geheel of gedeeltelijk herzien en de kosten van de voorziening terugvorderen. Dit geldt niet voor inburgeringsvoorzieningen.