**1..** De reclamebelasting wordt geheven per vestiging.
**2..** De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de vestiging deel uitmaakt, voor het tijdvak waarbinnen het belastingjaar valt, is vastgesteld.
**3..** In afwijking van het eerste lid wordt de belasting geheven naar de waarde, indien de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen voor het belastingobject waarvan de vestiging deel uitmaakt voor het belastingjaar is vastgesteld met toepassing van artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken.
**4..** In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde.
**5..** De vaststelling van de waarde bedoeld in het tweede en derde lid geschiedt overeenkomstig de artikelen 220 tot en met 220d van de Gemeentewet, met dien verstande dat daarbij artikel 16, onderdeel e, van de Wet waardering onroerende zaken niet wordt toegepast.
**6..** Het tarief van de reclamebelasting bedraagt voor onroerende zaken bij een vastgestelde WOZ-waarde:
a.
van
€ 1
tot
€ 100.000
€ 230
b.
van
€ 100.000
tot
€ 200.000
€ 332
c.
van
€ 200.000
tot
€ 300.000
€ 434
d.
van
€ 300.000
tot
€ 400.000
€ 536
e.
van
€ 400.000
tot
€ 500.000
€ 638
f.
van
€ 500.000
tot
€ 800.000
€ 740
g.
van
€ 800.000
tot
€ 1.100.000
€ 842
h.
vanaf
€ 1.100.000
€ 944
**7..** Indien met betrekking tot een onroerende zaak geen waarde is vastgesteld op de voet van hoofdstuk IV van de Wet waardering onroerende zaken, wordt de heffingsmaatstaf van die onroerende zaak bepaald met overeenkomstige toepassing van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 17, 18 en 20, tweede lid van de Wet waardering onroerende zaken.
**8..** Indien de vastgestelde WOZ-waarde voor het betreffende jaar naar beneden wordt bijgesteld, wordt de aanslag ambtshalve verminderd indien de lagere WOZ-waarde leidt tot een lager belastingbedrag voor de reclamebelasting.
**9..** Het tarief van de reclamebelasting bedraagt voor roerende zaken, zoals strandpaviljoens, en mobiele verkooppunten, zoals standplaatsen en venters, bij een vastgestelde jaarhuurprijs:
a.
van
€ 1
tot
€ 10.000
€ 204
b.
vanaf
€ 10.000
€ 408
**10..** Voor de toepassing van dit artikel worden meerdere vestigingen of bouwwerken of delen daarvan, die tezamen worden gebruikt door één belastingplichtige en waarbij één naam wordt gevoerd, als één vestiging of bouwwerk aangemerkt. Openbare aankondigingen behoren in elk geval tot één vestiging of één bouwwerk indien zij daarmee fysiek zijn verbonden of daarmee tezamen worden gebruikt.
**11..** Wanneer op grond van het tiende lid meerdere vestigingen of bouwwerken als één vestiging worden aangemerkt, wordt het hoogste tarief gehanteerd.
Artikel 5
Maatstaf van heffing en belastingtarief
Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van reclamebelasting Zandvoort 2026