Informele hulp is hulp die wordt verleend door iemand uit het sociaal netwerk van de jeugdige of diens ouder(s), zoals familie, vrienden, buren of andere naasten, die niet beroepsmatig jeugdhulp aanbieden.
De gemeente kent een pgb voor informele hulp alleen toe wanneer:
● Gemotiveerd wordt waarom informele hulp leidt tot een gelijkwaardig of beter resultaat dan formele, professionele hulp;
● De hulpverlener voldoet aan de minimale kwaliteitseisen op het gebied van veiligheid, doelmatigheid, leefklimaat, fysieke omgeving, administratie, VOG, vaardigheden en medicatiezorg, zoals vastgelegd in bijlage 8;
● De hulpverlener samenwerkt met andere betrokken jeugdhulpverleners wanneer de veiligheid of het welzijn van de jeugdige of het gezin in het geding is;
● De hulpverlener de grenzen van het eigen kunnen herkent en aangeeft wanneer professionele of specialistische hulp nodig is;
● De hulpverlener geen onderdeel is van de problematiek waarvoor jeugdhulp wordt ingezet;
● Er wordt gewerkt op basis van een budgetplan;
● De inzet van informele hulp niet leidt tot overbelasting van de hulpverlener (zie bijlage 3).
Weigeringsgronden:
● De gemeente verstrekt geen pgb aan iemand uit het sociaal netwerk wanneer de aard van de hulp op grond van het Kwaliteitskader Jeugd (SKJ) vereist dat deze wordt uitgevoerd door een geregistreerde professional.
● Een pgb voor behandeling wordt niet verstrekt aan personen uit het sociaal netwerk van de jeugdige. Onder behandeling wordt verstaan: diagnostiek of behandeling van een stoornis en de daarbij behorende problemen op meerdere levensgebieden. Omdat een ouder of iemand uit het netwerk een persoonlijke en betrokken relatie met de jeugdige heeft, kan deze persoon niet objectief en professioneel onafhankelijk handelen.
5.5 Pgb-verantwoording
Binnen het pgb geldt dat alle uitgaven volledig verantwoord moeten worden. Er is geen verantwoordingsvrij bedrag: iedere besteding moet aantoonbaar passen binnen het doel waarvoor het pgb is toegekend en wordt gecontroleerd via de Sociale Verzekeringsbank (SVB) of op verzoek van de gemeente. Hiermee wordt verzekerd dat het budget uitsluitend wordt gebruikt voor de afgesproken jeugdhulp. Er vindt minimaal één keer per zes maanden een evaluatiegesprek plaats tussen de zorgaanbieder en de jeugdige en/of diens ouder (zie 2.8).